SEMINAR — DE REIS VAN DE HELD
Doorbreek je grenzen. Herschrijf je verhaal. Start je transformatie.
“De zielensmart van het doorbreken van persoonlijke beperkingen is de smart van geestelijke groei.” — Joseph Campbell
Waarom je dit niet wilt missen
- Dit is geen theorie: het is een hands-on masterclass waarin je jouw eigen verhaal activeert en vormgeeft.
- Je vertrekt met praktische tools — een helder 12-stappenframework, verhalende technieken voor leiderschap en concrete oefeningen die direct toepasbaar zijn in werk en leven.
- De setting is filmisch: we werken in sfeervolle filmtheaters waar beeld en verhaal elkaar versterken.
Wat je meeneemt
- Een persoonlijk verhalend kompas: helder zicht op je huidige hoofdstuk en de volgende stap.
- Story-tools voor invloed: hoe je verhalen inzet om mensen te bewegen, teams te leiden en je merk te versterken.
- Een werkbaar 12-stappenmodel om transformatie te ontwerpen — van de Oproep tot Avontuur tot Opnieuw Jezelf Uitvinden.
Programma (korte weergave)
- Inleiding: waarom verhalen ordenen en bevrijden.
- Deel 1 — Voorbereiden: het DNA van verhalen; helden en heldinnen; wat je meeneemt op reis.
- Deel 2 — De Reis van de Held in 12 stappen: concrete oefeningen, cases en transfer naar jouw praktijk.
- Reflectie & actieplan: jouw volgende hoofdstuk uitgewerkt, met peer-feedback en concrete stappen.
Voor wie
Voor leiders, coaches, creatieven, merkbouwers en iedereen die met verhalen werkt of wil leren hoe verhalen echte verandering mogelijk maken.
Data & filmtheaters (nieuwe data, startend 2026)
- Amsterdam — FilmHallen — 3 oktober 2026
- Rotterdam — LantarenVenster — 17 oktober 2026
- Utrecht — Louis Hartlooper Complex — 31 oktober 2026
- Eindhoven — Pathé Eindhoven — 14 november 2026
- Den Haag — Pathé Buitenhof — 28 november 2026
- Breda — Chassé Cinema — 5 december 2026
- Groningen — Groninger Forum — 12 februari 2027
- Maastricht — Lumière Cinema — 26 maart 2027
Investering
- Deelname: €295 excl. btw — inclusief seminar, werkmateriaal en koffie/thee.
- Early-bird: €245 (tot 6 weken voor de datum).
- Groepskorting: 3 personen = 10% korting per deelnemer.
Plaatsen zijn beperkt — reserveer nú
- Meld je direct aan door te mailen naar peterdekuster2023@gmail.com
- Wil je verzekerd zijn van een plek? Kies voor de Early-bird en ontvang toegang tot een gratis digitaal werkboek.
Waarom wij verhalen vertellen
Verhalen verzinnen, vertellen en uitwisselen is iets magisch wat mensen met elkaar delen en waar ze over het algemeen groot plezier aan beleven. Zodra we iets beleefd hebben, begint het al: we gaan verbanden leggen tussen het een en het andere, en ordenen daarmee onze indrukken. Door ze in een bepaalde (oorzakelijke) volgorde te plaatsen ontstaat een betekenisvol geheel.
Verhalen maken is verbanden leggen. Kinderen houden ervan eindeloos voorgelezen te worden, om daarmee grip te krijgen op het leven en om onze angsten te overwinnen. Wellicht dat daarmee de kunst van het verhalen vertellen en het instinct voor verhaalopbouw worden geboren.
Verhalen hebben een orale traditie, maar bijvoorbeeld al in oude grottekeningen werden ze ook opgetekend. Verhalen vertellen (en schrijven) we om kennis over te dragen, om elkaar te vermaken om te relativeren, om betekenis te geven, om te vertellen wie we zijn en wat we belangrijk vinden en om zo het mysterie van het leven te begrijpen. Ieder goed verteld verhaal, of het nu een film, een roman, een strip of een autobiografie is, licht een tipje van de sluier op en beantwoordt vragen over geboorte, dood, liefde, wraak, bedrog, macht en onmacht.
Een goed verhaal roept beelden, emoties en herinneringen op en bouwt voort op onze collectieve wijsheid. Als iemand mij een verhaal vertelt over een dramatische situatie roept dat bij mij ook verhalen (herinneringen, beelden en anekdotes) op die hierop lijken. Al deze verhalen vormen een gigantische verhalenbank, en daarmee een deel van ons menselijk bewustzijn.
Storytelling
De Engelse term storytelling is inmiddels een begrip geworden waarvoor in het Nederlands nog geen volledig passende vertaling bestaat. Alleen “verhalen vertellen” dekt de lading niet, omdat storytelling inmiddels veel meer omvat dan het vertellen van een los verhaal. Het gaat om het ontwikkelen, schrijven, vertellen en delen van verhalen, vaak ook in de context van bedrijven, organisaties en persoonlijke ontwikkeling.
Storytelling draait om de verhalende manier waarop samenhang en betekenis worden aangebracht in een reeks gebeurtenissen. Door gebeurtenissen te ordenen en van structuur te voorzien, ontstaat uit ogenschijnlijk losse feiten een betekenisvol geheel. Wat eerst willekeurig of chaotisch lijkt, wordt zo een verhaal met richting, spanning en emotie.
Voorbeeld uit een beroemde film
In The Matrix lijken de eerste gebeurtenissen op zichzelf te staan: een gewone kantoorwerker krijgt vreemde signalen, ontmoet mysterieuze figuren en begint te twijfelen aan de werkelijkheid. Maar juist doordat deze feiten in een bepaalde volgorde worden geplaatst, ontstaat er een plot. De losse elementen worden met elkaar verbonden en krijgen samenhang. Wat eerst een reeks raadselachtige gebeurtenissen was, wordt een verhaal over keuze, ontwaken en transformatie.
Op die manier laat de film zien wat storytelling doet: feiten worden geïnterpreteerd, geordend en in een dramatische lijn geplaatst. Daardoor ontstaat niet alleen een verhaalstructuur, maar ook emotie, spanning en een oorzakelijke ontwikkeling. Het is precies die ordening die van losse gebeurtenissen een betekenisvol verhaal maakt.
Door oorzaak en gevolg aan te brengen, door het een met het ander in verband te brengen, krijgen we antwoord op zaken die we misschien maar half snappen of waar we de zin niet van inzien. Een overstroming kan de straf van de goden zijn, maar ook het logische gevolg van ontbossing. Het is maar welk verhaal je vertelt. Losse feiten tot verhalen smeden doen we al sinds mensenheugenis, en we doen dit om zin te geven, om het leven te begrijpen, om uit te leggen welke waarden we in het leven vooropstellen en om zo ons bewustzijn te ontwikkelen.
Op die manier ontstonden de Griekse mythen, de Romeinse sagen, de oude legenden, Bijbelverhalen, sprookjes, volksverhalen, romans, hoorspelen en in onze huidige cultuur vormen televisieseries, films, games een eigentijdse mythologie
Waar gaat het verhaal over?
Culturen zijn geworteld in verhaaltradities. Politieke bewegingen en maatschappelijke stromingen maar ook vernieuwingen in kunst en cultuur zijn altijd voortgekomen uit een met overtuiging verteld verhaal over hoe het anders en beter kan en waarom de bestaande orde heeft afgedaan. Aan opmerkelijke figuren uit de geschiedenis, sterke merken en opvallende bedrijven kleeft altijd een verhaal. Dat komt doordat de betreffende figuur, die beweging of dat bedrijf nieuwe waarden in de plaats heeft gesteld van oude waarden (of juist oude waarden met hand en tand probeert te verdedigen). Politiek leiders, managers, marketeers en communicatieadviseurs maken graag gebruik van verhaalprincipes om hun boodschap met de wereld te delen, omdat ze snappen dat een goed verteld verhaal impact heeft. Of ze ook echt altijd iets nieuws of iets van waarde te vertellen hebben, is een tweede. Daarbij: ook verwerpelijke, demagogische en slechte boodschappen kunnen ‘goed’ verteld worden.
Bij het schrijven of vertellen van verhalen is het dan ook belangrijk je af te vragen: wat wil ik eigenlijk vertellen? Gaat het over hoe de liefde de dood overwint? Of dat eerlijkheid het langst duurt? Dat we in een illusie leven en dat we daaruit kunnen ontsnappen? Dat het kwaad altijd voortleeft? Dat kan allemaal. Maar dat moet wel duidelijk worden. Welke specifieke waarde, boodschap of moraal communiceer je met je verhaal? Met welk gevoel moet men het boek dichtslaan, de galerie of de bioscoop verlaten?
Ook voor een kijker is het belangrijk de boodschap te achterhalen omdat een goed verteld verhaal voor ieder doel kan worden ingezet. Als het maar overtuigend verteld wordt, dan nemen we makkelijk iets voor waar aan, ook al zou de moraal een verwerpelijke zijn.
Om de kijker kritisch en actief te houden en omdat er geen eenduidige antwoorden zijn op grote levensvragen, is het voor verhalenvertellers altijd weer uitdagend om te spelen met de verhaalstructuur. Je kunt verhalen maken met een open einde of een verhaal van achter naar voren vertellen. Daarmee kun je de lezer scherp houden, verbazen, ontregelen, in verwarring achterlaten of tot nadenken aanzetten.
Wat als
Of verhalen ons nu voorgeschoteld worden in de vorm van films, tv-series, toneelstukken, romans of reclames, ze hanteren een symbolische taal. Een goed verteld verhaal stijgt boven de feiten en de historische werkelijkheid uit omdat het elementen uit die werkelijkheid destilleert en in een andere context zet, vergroot, accentueert of verdraait. Personages, arena (plaats van handeling) en handelingen zijn geconstrueerd om het verhaal te vertellen, en zijn daarmee per definitie fictief, ook al zijn ze gebaseerd op feiten. Alles heeft een functie. De fictie (de verdichting) stimuleert (als het tenminste een goed verhaal is) een verborgen creatief potentieel, namelijk de verbeelding. Een goed verteld verhaal en een opmerkelijk personage wekken persoonlijke fantasieën en herinneringen op. Deze fantasieën maken op hun beurt de wens wakker ook zo te handelen (of juist niet) in het dagelijks leven: ‘Zou het niet mooi zijn als …’ en ‘Wat als …’. Een verhaal vertelt je hoe je taken kunt vervullen en doelen kunt bereiken, welke eigenschappen je daarvoor nodig hebt, wat groei en overwinning zijn, en hoe pijn en ellende overwonnen kunnen worden. Of juist niet.
Verhalen zijn in staat ons te leren dat we altijd ergens naar op weg zijn en dat als die bestemming ons niet bevalt, we daar iets aan kunnen doen. Verhalen tonen ons ook mislukkingen en voorbeelden hoe het niet moet. En ze tonen ons dat verlangen en het overwinnen van moeilijkheden aanzetten tot verandering en groei
Rite de passage
De Reis van de Held helpt je als verhalenverteller bij het opbouwen van je verhaal. De Reis stuwt het verhaal voort en spiegelt je een universeel patroon voor van hoe zaken zich kunnen ontwikkelen. Het is een overdrachtelijke reis, een ‘rite de passage’ die we allemaal op diverse manieren in ons eigen leven maken. De Reis is een kompas, een routeplanner en een reisgids ineen, omdat hij de noodzakelijke stappen aangeeft waarmee algemeen menselijke ontwikkeling en bewustwording plaatsvinden.
Het model dwingt je als verhalenverteller tegelijkertijd je doel voor ogen te houden En bij al die stappen en motieven herken je de hoogtepunten en dieptepunten en alle kenmerkende passes die de menselijke ziel doormaakt gedurende het leven.
HET DNA VAN VERHALEN
Wat hebben Dante en James Bond met elkaar gemeen? Wat is de overeenkomst tussen een soapaflevering en een Griekse mythe?
Het antwoord is simpel: ieder goed verhaal gaat eigenlijk over een reis, een avontuur waarbij de hoofdpersoon, held of heldin, uitgedaagd wordt zijn of haar gewone leventje achter zich te laten om een onbekend avontuur aan te gaan. In de meeste verhalen leidt die reis, of die nu metaforisch is (een innerlijke reis) of daadwerkelijk plaatsvindt, via hoogtepunten en dieptepunten uiteindelijk tot groei en (zelf) ontwikkeling. Aan het einde is de held (of de groep waar hij deel van uitmaakt) niet meer wie hij aan het begin was. Hij is wijzer, gelukkiger of minder eenzaam geworden, en heeft bepaalde inzichten verworven. En als het slecht afloopt, dan zijn er toch lessen geleerd en is de gemeenschap verrijkt.
Een goed verhaal gaat dus over een betekenisvolle verandering in het leven van de held. En die verandering draagt een aantal emotionele, psychologische en spirituele lessen in zich. Het gaat over waarden en deugden, over ethiek. Hoe boontje om zijn loontje kwam, hoe nederigheid beloond wordt en liefde alles overwint.
Is dit altijd zo? Nee. Er zijn ook verhalen waarin de hoofdpersoon niet verandert en geen enkele les lijkt te leren, en waarin verandering van waarden helemaal niet aan de ord eis. In die gevallen wordt daarmee dat ‘niet-veranderen’ gethematiseerd. Juist het onvermogen om tot inzicht te komen, om de les te leren, is dan wat er als uitkomst overblijft.
Oerstructuur
Waar komen verhalen vandaan? Zitten ze in de lucht, bewaren we ze in onze ziel? Ieder verhaal is in essentie een variatie op een oeroud thema; de mens die wordt voortgedreven door zijn wil en zijn diepste verlangen om de schat, de graal, de moordenaar, de geliefde, het elixer, de waarheid, rust of God te vinden, maar in dit verlangen wordt gefrustreerd. Die frustratie of dat dilemma zorgt ervoor dat hij in actie komt en allerlei moeilijkheden het hoofd moet zien te bieden. En uiteindelijk is er een les geleerd.
Veel verhalen lijken daarom qua basisstructuur op elkaar. Ze zijn, als je het goed bekijkt, opgebouwd volgens een aantal universele en herkenbare principes. We herkennen die opbouw niet alleen in grote verhalen maar ook in strips, sprookjes, flauwe moppen en persoonlijke anekdotes. In het begin is er altijd betrekkelijke rust; dan gebeurt er iets wat tot verwarring, chaos of crisis leidt, en uiteindelijk wordt dat allemaal weer ingelost, opgelost of uit de wereld geholpen.
Dat is de oerstructuur van ieder verhaal: orde, chaos, resolutie. In de diepte gaan verhalen, maar ook problemen, op elkaar lijken.
Cirkel
Hoewel wij in het Westen onze levenslijn vaak uitbeelden als een streep met een nieuw begin (geboorte) en een einde (dood), wordt het leven steeds opnieuw gecreëerd. De Reis van de Held toont ons dat het leven cyclisch is. Iedere dag is er immers een nieuwe dag, die weer afgesloten wordt met een nacht. Na iedere zomer begint de herfst, en in iedere winter schuilt de belofte van een nieuwe lente. Eb en vloed wisselen elkaar af, net als voor-en tegenspoed.
Iedere keer kunnen we in een nieuw avontuur stappen en een bepaalde fase van ons leven achterlaten. Daarbij: iedere dood draagt altijd weer de belofte van nieuw leven in zich. Onze ontwikkeling, van kind tot volwassene, maar ook onze evolutionaire ontwikkeling, verloopt cyclisch, volgens ups en downs, via dag en nacht, via hoogtepunten en dieptepunten.
De Reis van de Held is een optimistische visie op hoe het leven werkt. We moeten (innerlijke) draken verslaan en af en toe door de hel gaan, maar dan biedt het leven ons de benodigde lessen en inzichten, en kunnen we ons voortdurend vernieuwen en ontwikkelen.
Verlangen als motor
Verlangen is de motor van alle verhalen. Dat waar we naar verlangen, waar we van dromen, zet ons voortdurend in beweging. Heimelijk streven we allemaal naar geluk, erkenning, ultieme liefde en heelheid, en die krijgen gestalte in het object van ons verlangen: een geliefde, een huis, een baan, roem, geld, gezondheid. We doen vreselijk ons best dat verlangen te vervullen of dat ideaal te verwezenlijken, maar zodra we die vervulling en verwezenlijking gevonden hebben, ontstaat er alweer een nieuw verlangen. Heb je eenmaal die nieuwe baan, dan begin je alweer te verlangen naar een uitgebreide vakantie. Het paradijs bestaat maar tijdelijk.
En dat is meteen ook het drama van het menselijk leven. Net als we een zekere mate van vrede en stabiliteit hebben bereikt, beginnen zaken zich alweer te kantelen, begint de innerlijke onrust opnieuw, verliezen we de macht over het stuur of keert het tij. En in de diepste duisternis dient zich dan een nieuw lichtpuntje aan en herwinnen we onszelf.
Deze eeuwigdurende cycli van geboorte en dood tonen ons het mysterie van het leven, dat we alleen maar via het contrast en het conflict kunnen ervaren. Boeddhisten leren ons dat we alleen vrede kunnen vinden in het huidige moment, maar de meesten vinden die rust of vrede pas in de dood.
De held als representant van ons ego
De helden en de heldinnen in de verhalen die we elkaar vertellen representeren ons menselijk eo op zoek naar geluk en heelwording. Ons ‘ik’ is maar een voorlopige verschijningsvorm van onze ziel. Ergens vermoeden we dat er een grotere versie van onszelf mogelijk is. Verhalen vertellen ons hoe we daar iets van kunnen begrijpen. Maar als we opgeroepen worden om die verloren schat te ontdekken zijn we ook huiverig. We durven het avontuur niet aan te gaan. Gelukkig zijn er helpers en mentoren die ons de weg wijzen of instrumenten aanreiken waarmee we toch op weg kunnen gaan. Als de eerste drempel eenmaal is overschreden is er geen weg terug meer en moeten we all down into the rabbithole, met alle angstige bijkomstigheden van dien. Om uiteindelijk gelouterd en wijzer geworden met de schat van inzicht terug te keren naar huis en de wereld te verrijken met onze oogst. Dit is de eeuwigdurende reis van de held. En de held zijn wijzelf.
Het geheim is wellicht dat we de stadia van de reis succesvol doorlopen en niet in een bepaalde fase blijven hangen. Want in dat geval krijgen we de levenslessen telkens weer opnieuw voorgeschoteld.
Joseph Campbell onderscheidde in deze cyclus zo’n zeventien stadia. Ik heb ze teruggebracht naar twaalf en ook nog uitgewerkt naar de verschillende aspecten van een flow (geluk) ervaring. In dit seminar gaat het om twaalf stappen die we kunnen hanteren om verhalen te maken, te vertellen of te schrijven. Een volledige en universele reis.
Motieven uitvergroten
Het is niet zo dat de reis keurig achter elkaar verteld moet worden en dat alle stappen netjes evenveel aandacht moeten krijgen. In veel verhalen worden één of twee typerende elementen uit de heldenreis geïsoleerd en uitvergroot, ‘gethematiseerd’, zou je kunnen zeggen. Zo kunnen in bepaalde verhalen het motief van de Inwijding (stap 7) in hevige mate ervaren, of in actiefilms juist het motief van de vlucht of de achtervolging (de Terugkeer – stap 10). In Alice in Wonderland en in de films van Fellini vertoeven we heel lang in fase 6 (de nieuwe wonderlijke wereld).
Drie akten
Grofweg kunnen we de Reis van de Held terugbrengen tot de bekende aristotelische structuur van drie akten:
Akte 1. Begin – Orde
Akte 2. Midden – Chaos
Akte 3. Einde- Resolutie
Begin
In het begin is er relatieve orde; er lijkt niet zoveel aan de hand. Maar toch: in bijna elk type verhaal leren we onze held of heldin kennen in een situatie die min of meer onbevredigend is, onontwikkeld, niet compleet of in zekere zin frustrerend. Het uiteenzetten van deze niet-authentieke, ongelukkige, onvolwassen of onvervulde situatie roept spanning op, en de behoefte om er een oplossing voor te vinden (bij de lezer of bij de held zelf). De kern van het verhaal wordt voelbaar en het drama ligt daarom dus al in het begin verborgen, klaar om wakker gekust te worden.
Midden
Door een incident wordt de vertrouwde status quo op zijn kop gezet. De verwarring (chaos) die dan ontstaat moet via het optreden van de held of heldin tot een ommekeer leiden. Het middendeel van bijna ieder verhaal behandelt de duistere of gevaarlijke invloeden waaraan de held bloot komt te staan en vormt daarmee de crisis en het conflict van het verhaal. De held of heldin wordt geconfronteerd met zijn grootste angst.
Einde
De handelingen leiden uiteindelijk tot een climax, waarin het gevaar en de verwarring tot een hoogtepunt worden opgestuwd, maar in diezelfde climax zit de oplossing verborgen. Het kwaad wordt overwonnen en de beloning is in zicht. De held of de heldin heeft lessen geleerd, heeft het geluk of de bestemming gevonden. In sommige verhalen overwint echter het kwaad en vindt de held dood of destructie (tragedie). In dat geval is de dood de enige manier om het kwaad op te lossen in dienst van de gemeenschap, die daarna verlicht van de lasten verder kan leven.
Met andere woorden, in ieder ‘rond’ verhaal blijft dat basispatroon (begin-midden-einde) hetzelfde, hoewel niet per se in die volgorde. Natuurlijk zijn er tal van verhalen die van achter naar voren verteld worden of waarin de chronologie door elkaar is gehusseld. We hebben het dan over het onderscheid tussen ‘story’ en ‘plot’. De plot is de constructie van de story. Maar hoe ingewikkeld of achterstevoren een verhaal ook verteld wordt, na afloop kun je nog wel de chronologie van het verhaal achterhalen.
De Reis in vogelvlucht
De standaardroute van het avontuur van de held is een variant op dit schema, door Joseph Campbell ook wel benoemd als: scheiding-inwijding – terugkeer. De held wordt opgeroepen om zijn vertrouwde leven achter zich te laten, wordt ingewijd in geheimen en mysteries, en pas nadat hij zijn lessen heeft geleerd keert hij terug naar zijn vertrouwde thuisbasis. En begint dan weer aan een nieuw avontuur.
De driedeling door Aristoteles heb ik omgezet naar twaalf stappen. En deze twaalf stappen vormen in dit seminar ook het uitgangspunt.
De twaalf stappen van de Reis van de Held
De eerste akte
- De Proloog. De held wordt geïntroduceerd in zijn leven van alledag. Er is een zekere mate van orde. Maar toch, je voelt dat er iets ontbreekt, dat het leven saai of voorspelbaar is, dat de held ergens van droomt of dat er op de achtergrond iets dreigt
- De Oproep tot Avontuur. De held wordt opgeroepen, wakker geschud, aangespoord om in beweging te komen. Hij wordt uit zijn comfortzone getrokken.
- Weerstand en Weigering: de held (of zijn omgeving) wil aanvankelijk het avontuur niet aangaan; er is een dilemma, verzet of weigering of het probleem wordt ontkend
- De Ontmoeting met de Mentor: De held ontmoet iemand of hij stuit op een bron van wijsheid die hem aanmoedigt of hem lessen of vaardigheden leert. Dat verandert zijn inzicht, waardoor hij het avontuur toch aangaat.
De tweede akte
5. De Selectiedrempel. Met de nieuw verworven vaardigheden of instrumenten lukt het hem de eerste drempel te overschrijden. De held heeft nu echt ‘ja’ gezegd tegen het avontuur en er is geen weg meer terug.
6. De Nieuwe Wereld. De held belandt in een nieuwe wereld waar nieuwe wetten gelden. Hij krijgt bondgenoten, maar ontmoet ook vijanden en er zijn diverse testen die hij moet ondergaan.
7. De Inwijding:: De Held ontdekt een onvermoede kant van zichzelf. Met het oog op de naderende beproeving gaat het er nu om dat de held ten diepste gecommitteerd is, en daarvoor moet hij zijn geweten onderzoeken
8. De Crisis. De held wordt geconfronteerd met zijn grootste angst. Er is een omslag en de held moet de dood onder ogen zien. Het donkerste moment van het avontuur.
9. De Dolk. Het uur van de waarheid vereist een scherpe analyse. Verraad. Illusies worden doorgeprikt. Om het elixer (de metaforische schat) te veroveren, de beloning of het inzicht in de wacht te slepen moet de held soms een dolksteek uitdelen. Of hij krijgt zelf een mes in de rug.
De derde akte
10. De Terugkeer. Nu is het tijd dat de held met de veroverde schat naar huis terugkeert, maar de weg terug is nog gevaarlijk.
11. Dood en Wederopstanding. De tegenstander heeft nog een laatste aanval of test in petto. De held weerstaat deze aanval of doorstaat de test, waarmee hij laat zien dat hij zijn les geleerd heeft en bereid is desnoods een offer te brengen, ook al is dat zijn eigen leven. Hij moet zijn rug rechten en gaan staan voor zijn principes.
12. Het Elixer: Het Elixer is de schat of het inzicht waarmee de gemeenschap (of het publiek) verrijkt wordt. er is een beloning of men ervaart dankbaarheid. De cyclus is rond, de reis is ten einde en een nieuw avontuur ligt te wachten.
Het archetypische ontwerp van de Reis krijgt pas waarde en impact als je als verteller of schrijver de details en de aankleding op eigen wijze invult. Het gaat nadrukkelijk niet om strikte regels, want die zouden het creatieve schrijfproces danig in de weg zitten. De stappen zijn patronen, motieven en principes op zich. Bij het vertellen van je verhaal hoef je daarom niet alle stappen braaf af te werken. Het gaat erom je verhaal goed te vertellen, en daarbij kunnen de principes van de Reis je helpen.
De Reis kan je inspireren om onvergetelijke karakters, verrassende plotwendingen en originele constructies te creëren en biedt je duizenden mogelijkheden, maar waar het om gaat is dat er voor een specifiek verhaal een eigen originele invulling en aankleding gemaakt worden. In oude verhalen hakten dappere helden in gevleugelde schoenen met magische zwaarden mythische monsters de kop af, maar in hedendaagse verhalen kun je alle kanten op. Of het nu om een hoog gehakte heldin gaat die een spirituele reis naar ‘binnen’ maakt en daarvoor haar innerlijke angsten moet overwinnen, of om een eenzame tiener die internet af surft en een virtuele ontmoeting heeft: het zijn allemaal variaties op de Reis van de Held
HELDEN EN HELDINNEN
Dat is ook de oorspronkelijke betekenis die aan het woord ‘held’ toegekend wordt. De held als moedige figuur die grootste daden of bovenmenselijke prestaties verricht.
Inmiddels is ‘held’, vooral in de schrijf en dramawereld een veel gehanteerd begrip. We hebben het dan over een bestaande, fictieve of historische figuur die wordt geconfronteerd met rampspoed of tegenslag, een (innerlijke) worsteling ondergaat en vanuit een zwakke positie (morele) moed en bereidheid tot zelfopoffering toont.
De held is mannelijk of vrouwelijk, oud of jong, alledaags of mythisch. Hij kan een dier zijn ,maar hij kan ook een groep, een merk, een bedrijf of een gemeenschap zijn. Hij kan James Bond heten, Alice, Odysseus, Hamlet, Emma Bovary, Amélie of Aladdin. Maar hij kan ook de bakker op de hoek van de straat zijn. Of je vader. De held is het hoofdpersonage van het verhaal en is niet zomaar een willekeurige figuur. Hij of zij is ‘geconstrueerd’.
Als verhalenvertellers rusten we hem daarom uit met speciale karaktertrekken, soms een beetje uitvergroot, met bepaalde accenten, waarbij belangrijk is dat we hem gaan begrijpen, van hem gaan houden en met hem kunnen meeleven.
Zijn zoektocht naar heelheid of geluk moet behalve uniek ook herkenbaar en universeel zijn, ook al krijgt deze zoektocht soms gestalte in de moeizame worsteling met het leven van de antiheld. Denk aan Frits van Egters van Gerard Reve in De Avonden en aan Oblomow van de Rus Gontsjarov. Beide hoofdpersonages lijden aan het leven en zijn iet of nauwelijks in staat besluiten te nemen of tot actie over te gaan.
Een held in een verhaal kampt met tegenstrijdige verlangens en gevoelens; hij of zij is multidimensionaal en we herkennen iets van onszelf. Helden en heldinnen hebben kwaliteiten en herkenbare valkuilen; ze twijfelen, zijn jaloers of ongeduldig, en maken denkfouten. Maar achter dat masker schuilt het ware zelf, en als we naar de bioscoop gaan of een boek lezen hopen we daarvan een glimp op te vangen. Omdat we vermoeden dat ook in ons een groter potentieel verborgen ligt. Daarom zijn wij als verhalenvertellers, lezers en kijkers ook de held in ons eigen verhaal.
Dramatische helden
Drama betekent ‘handeling’. Een verhaal raakt ons en houdt ons over het algemeen in zijn greep als we ons niet alleen met de hoofdpersoon, de held kunnen identificeren , maar vooral als hij bereid is moeilijkheden aan te gaan. Hij of zij moet tot actie overgaan en soms de rug rechten.
We houden van verhalen wanneer ons een betekenisvolle verandering (handeling) wordt voorgeschoteld, of een wezenlijk inzicht. Als Roodkapje het bos niet in durft hebben we geen verhaal. Een passief, zwak slachtoffer dat niet in beweging komt, is daarom meestal geen goede protagonist voor een verhaal. Tenzij dat je verhaal is.
Verhalen over zielige of zieke mensen zijn pas interessant als deze figuren in staat blijken hun slachtofferschap en/of ziekte te overwinnen en zichzelf, net als de baron van Münchhausen aan hun haren uit het moeras weten te trekken. In zo’n geval spreken we over een dramatische held. Natuurlijk zijn er ook talloze helden bij wie dat niet lukt, die eenzaam, doelloos door het verhaal stappen en niet in staat blijken de moeilijkheden te overwinnen. Ik noem dat gedesoriënteerde helden en ik kom er later dit seminar op terug.
Begin je verhaal dan ook met het construeren van een held of heldin die de mogelijkheid heeft moeilijkheden te overwinnen, hoe lastig die ook zijn. Zorg ervoor dat je held in actie kan komen en een ontwikkeling kan doormaken. Een dramatische held is bereid tot offeren en risico’s nemen. Dat houdt in dat hij in het verhaal bereid moet zijn iets van waarde op te geven in het belang van de goede zaak, een ideaal of droom; ook al is dat zijn eigen leven of veiligheid. Iets zal er moeten sterven en dat kan ook een idee of een beeld van de werkelijkheid zijn. De confrontatie met een symbolische dood of een fysieke dood is dan ook altijd goed voor het drama in het verhaal.
In het echte leven kennen we helden en heldinnen in personen als Mandela, Luther King of Jeanne d’Arc: mensen die bereid waren buitengewone risico’s te nemen en zichzelf op te offeren om een betekenisvolle verandering in de wereld te bewerkstelligen. In verhalen zijn het die karakters die bijzondere morele moed tonen en over hun eigen twijfel, angst of schaduw heen kunnen stappen. Denk aan Harry Potter, James Bond, Hamlet of Theseus. Maar in feite zijn zelfmoordterroristen vanuit hun eigen perspectief net zo goed helden; zij sterven ook voor een ideaal.
Tragische helden
Helden zijn er in soorten en maten, en je kunt er als verhalenverteller alle kanten mee op. Er zijn natuurlijk positieve, actieve, grappige en moedige exemplaren, maar ook domme, roekeloze of tragische helden. Bij tragische helden zie je dat de hoofdpersoon zozeer in beslag wordt genomen door een bepaald streven en daar zover in gaat dat hij meer en meer vervreemd raakt van zijn omgeving en de realiteit. Dat kan een extreme drang naar macht (Macbeth), passie (Anna Karenina), idealen (Don Quichot) vrijheid (Thelma and Louise) of sensatie (Bonny & Clyde) zijn. Met alle gevolgen van dien.
Of het zijn mensen die ondanks alles wat ze hebben geprobeerd toch het slachtoffer worden van de omstandigheden of hun eigen blinde vlek. Helden en heldinnen in tragedies eindigen (sterven) bijna altijd in eenzaamheid. En daar kunnen wij dan weer onze lessen uit trekken.
Komische helden
Komedie en tragedie liggen dicht bij elkaar. Een komische held kan net als een tragische held volkomen gefixeerd zijn of bezeten zijn door een obsessie die hij zelf niet ziet. Deze blinde vlek wordt in een komedie geridiculiseerd en in een tragedie leidt hij tot de ondergang. Het verschil tussen een komisch en een tragisch personage hoeft dus niet groot te zijn. Tsjechov schreef komedie die later als tragedies werden opgevoerd (de Kersentuin). Komische karakters kun je ook antihelden noemen. Denk aan de vertolkingen van Charlie Chaplin, of Mister Bean of John Cleese in Fawlty Towers. Het verschil tussen komische of tragische helden en dramatische helden zit hem in de mate waarin de held kan reflecteren op eigen handelen.
De dramatische held leert van zijn fouten. De komische held niet en de tragische held te laat.
Gedesoriënteerde helden
De archetypische of ‘dramatische’ held is in staat het duister te overwinnen en via zijn handelen te komen tot een innerlijke transformatie of een verrijking van de wereld om hem heen. Maar in de literatuur en in de toneelwerken vanaf het einde van de achttiende eeuw zien we dat in die mooie ronde verhalen met de dappere, actieve helden scheurtjes beginnen te ontstaan. Het optimisme maakt plaats voor cynisme en twijfel. We zien gewelddadige, gefragmenteerde, dolende gedesoriënteerde karakters verschijnen in verhalen, romans en toneelstukken, en halverwege de twintigste eeuw zien we datzelfde gebeuren in films.
Franse bioscoopbezoekers ontdekten in de zomer van 1948 een nieuw soort Amerikaanse film. Ze noemen het de film noir: vervreemdend, gewelddadig en erotiserend. Het optimisme en het geloof in een rechtvaardige samenleving hebben duidelijk plaatsgemaakt voor cynisme en twijfel. Voor de eerste klassieke film noir uit de geschiedenis koos regisseur John Huston de roman The Maltese Falcon van Dashiel Hammett. Het boek was al twee keer eerder verfilmd, maar Hustons versie was compromisloos en zette, net als het oorspronkelijke verhaal van Hammett, een onheldhaftige held neer in een grauwe Amerikaanse stedelijke omgeving. Het genre ‘film noir’ was geboren.
In de literatuur zagen we al eerder personages die twijfelden, niet tot actie konden komen of zelfs buitengewoon slecht of gewelddadig afgebeeld werden. Tsjechov schilderde personages die maar niet in beweging kwamen ( De Drie Zusters, de Kersentuin), Beckett schreef in de jaren vijftig van de twintigste eeuw Wachten op Godot, een meesterwerk, waarin de personages Vladimir en Estragon het hele toneelstuk lang onder een boom zitten te wachten op iets of iemand die maar niet verschijnt en wellicht dus niet meer is dan een illusie. Dergelijke antihelden zijn óok helden. In de Reis van de Held zien we dan dat ze niet in staat zijn zich uit de hel te bevrijden. Het verhaal eindigt dan halverwege de reis. Midden in de crisis of vlak daarna.
Met het verschijnen van getormenteerde en gewelddadige helden als Oblomov, Bonnie & Clyde, de Godfather, Tony Soprano en consorten moeten we ons als kijker/lezer gaan verhouden met onmacht en gewelddadigheid in de samenleving en ook in onszelf. In deze verhalen gaat het over de onmacht tot zelfrealisatie. Er is zo’n grote kloof ontstaan tussen het ego en zijn onbewuste tussen de held en zijn innerlijke potentieel, dat gewelddadigheid, onmacht of een verloren gevoel het resultaat zijn.
Verzet tegen Hollywood-clichés
Voor filmmakers, verhalenvertellers en romanschrijvers blijft het een grote uitdaging om te experimenteren met onwillige, inactieve helden, open eindes, vervreemding en absurdisme, om zo welbewust de door Hollywood getoonde illusie en daarmee het ronde verhaal te doorbreken.
Zo werd in Frankrijk rond 1959 een nieuwe filmstijl geboren als reactie op de Hollywood droomfabriek. Godard (A bout de souffle – 1959), Renoir (Hiroshima mon Amour – 1959) en Truffaut (Jules et Jim – 1961) zochten naar een manier van filmen die de illusionaire werkelijkheid die door Hollywood werd gerepresenteerd moest doorbreken. Zij lieten de personages in de camera spreken, speelden bewust met continuïteitsfouten en asynchroon geluid, en probeerden daarmee de Hollywood clichés te doorbreken. Het is allemaal niet zo eenduidig als het voorgespiegeld wordt, leken ze daarmee te zeggen; duister en het kwaad zijn niet zo makkelijk te overwinnen. De werkelijkheid is weerbarstiger en wreder. Deze stijl werd de nouvelle vague genoemd.
In Italië maakt Fellini in diezelfde tijd zijn opmerkelijke films. Het zijn psychologische en sociale drama’s waarin een fantasierijk personage, vaak gemodelleerd naar Fellini zelf, op zoek gaat naar de betekenis van zijn leven. Deze zoektocht wordt gekenmerkt door een veelvuldig gebruik van herinneringen, dromen, fantasieën en obsessies. Het zijn bijna nooit lineair vertelde verhalen, maar vaak meer een aaneenrijging van situaties en gebeurtenissen waarin de personages allerlei vreemde dingen meemaken. Deze gebeurtenissen zijn vaak extravagant vormgegeven met overdreven decors, bijzondere kostuums, veel grime, opvallende kleuren en schilderachtige locaties, en hebben een sterk maatschappijkritische insteek.
In deze films wordt welbewust ons wereldbeeld gespiegeld, op zijn kop gezet en absurd gemaakt, en wordt de klassieke dramatische structuur gethematiseerd. Dat dwingt de lezer en kijker actief te worden en de mogelijkheid tot eigen handelen ter discussie te stellen.
Sommige verhalenvertellers vinden de Reis van de Held niet geschikt om vertelexperimenten uit te voeren. Ik denk echter dat je pas kunt experimenteren met verhaalstructuur en plotopbouw als je het wezen van het ronde verhaal goed hebt doorgrond. Ook Mondriaan en Picasso bekwaamden zich eerst in het realistisch schilderen, om later op abstracties over te gaan. Zo moeten we als verhalenvertellers eerst de basisprincipes snappen om er vervolgens op te kunnen variëren.
De dubbele hoofdpersoon
Over het algemeen zien we helden in verhalen terug als enkelvoudige karakters. Soms heeft de held gezelschap van een groep. Denk aan Mozes die het Joodse volk naar het beloofde land leidt, aan Odysseus met zijn bemanning, of aan Frodo en de Hobbits. Slechts enkelen uit de groep zijn bekend, de rest is vaak anoniem. Datzelfde geldt voor innovatieve bedrijven of revolutionaire bewegingen. Kenmerk is dat de hele groep hetzelfde verlangen heeft of voor dezelfde opgave komt te staan, zoals een vloek opheffen, de maatschappij verbeteren of een schat vinden.
Een verhaal kan ook gedragen worden door een dubbele protagonist. Voorbeelden zijn Romeo en Julia, Thelma en Louise. In sommige gevallen vervult deze tweede figuur de rol van alter ego van de held en heeft hij bepaalde uitvergrote karaktertrekken zoals trouw, lafheid, slimheid. De held gaat voortdurend de dialoog aan met deze eigenschappen.
Vergroten en verdraaien
In een verhaal kan alles, en een goed verhaal lijkt soms op een droom en maakt gebruik van metaforen en archetypes om de dieper gelegen waarheid of bewering te onthullen. De vijand krijgt reusachtige proporties (David en Goliath) de held kan vliegen (Superman) Alice (in Wonderland) verdwijnt achter een konijn aan een konijnenhol in of een personage is een uitvergroting van een bepaalde rol (de moeder, de jager, de heilige, de boef). In films komen spookhuizen, gevleugelde schoenen, vampiers, kastelen of buitenaardse wezens voor. Overledenen zitten gewoon aan tafel; we kunnen terug in de tijd, verdwalen in een donker bos of in een vreemde stad; er zijn deuren die zich uit zichzelf openen of er komt een hond voorbij die de weg wijst.
Omdat het in verhalen in wezen gaat om het al of niet hervinden van het ‘zelf’ en om innerlijke transformatie, krijgt de duistere kracht waartegen gevochten wordt, die de held verleidt, die hem uit zijn slaap haalt en hem bang maakt, oneindig veel gestalten. Daar kunnen we eindeloos op blijven variëren. Het is de kunst die symbooltaal zo in te zetten dat de beelden in hun nieuwe verband een zeer eigen betekenis krijgen.
Deze symbolen en archetypes zitten diep in ons systeem, in ons collectieve onbewuste, opgeslagen en het is niet moeilijk om deze taal te benutten. De meesten van ons zijn ermee grootgebracht en in sprookjes, mythen en films worden symbolen en archetypes op grote schaal ingezet. Aarzel dus niet om zaken te vergroten, te verdraaien of absurd te maken. Verhalen winnen vaak aan kracht wanneer er ongewone en onalledaagse dingen gebeuren.
Opdrachten en oefeningen
- Welke helden ken jij uit je eigen leven? Wie heb je ooit als moedig, dapper, bijzonder of strijdvaardig beschouwd? Waarom?
- Heb je jezelf wel eens heldhaftig gevoeld? Wanneer, en wat waren de omstandigheden?
- Maak een lijstje van tien mogelijke helden. Beschrijf hun kwaliteiten en valkuilen, beschrijf hun voorliefdes en geef in grote lijn aan hoe zij een completer en authentieker mens zouden kunnen worden
- Maak een individu van jouw held. Maak daarvoor een kleurrijk karakterdossier. Plaats je held in een sociale omgeving, geef hem lichamelijke kernmerken en bijzonderheden. Beschrijf waar hij van houdt, waar hij zich over opwindt en wat hem zwak maakt.
- Wat zou er gebeuren als een hoofdpersonage zijn eigen valkuilen maar niet doorziet?
- Zoek in de media naar voorbeelden van gewelddadige en gedesoriënteerde en inactieve helden.
- Bedenk situaties die komisch zijn omdat de hoofdpersoon een blinde vlek heeft. Hoe of wanneer zou zo’n situatie tragisch kunnen worden?
- Neem een jeugdherinnering en oefen met het vergroten, verdraaien of overdrijven of het absurd maken van bepaalde aspecten en beelden
- Laat het schijnbaar onmogelijke gebeuren in je verhaal
Wat neem je mee op reis
‘Begin bij het begin, ga door tot het einde en stop dan… – Lewis Carrol, Alice in Wonderland
‘Het voelt als iets wat je allang wist, maar nog niet wist dat je het wist.’ Dennis Potter, Potter on Potter
Alles dichttimmeren, je reisdoel en de weg ernaar toe van tevoren plannen, op alles voorbereid zijn en te veel ballast zijn niet bepaald bevorderlijk voor een creatief schrijfproces. Aan de andere kant: niet weten waar je naartoe wilt kan er makkelijk toe leiden dat je ergens strandt en geen idee hebt hoe je verder moet. Of dat je ergens uitkomt waar je helemaal niet wilt zijn.
Het maakproces
Waar begint een verhaal? Vaak is daar dat eerste idee, die vraag, dat beeld, die eerste zin, die anekdote of herinnering. Ik zie vaak dat verhalenvertellers bij hun eerste idee blijven hangen en dan geen steek verder komen. Er komt maar geen beweging in. Pas op het moment dat het eerste idee een verbinding aangaat met een totaal ander idee ontstaat er iets. De combinatie van factoren kan een stroom van nieuwe ideeën, beelden en gevoelens opleveren waardoor de losse elementen plotseling in samenhang betekenis krijgen. Dat is een grillig, creatief proces, waarbij het toeval vaak een rol speelt. Wonderlijke en fascinerende scripts, opmerkelijke verhalen en grote romans kennen bijna nooit een logische en planmatige ontstaansgeschiedenis en komen tot stand via een mysterieus proces. Soms kost dat bloed, zweet en tranen en andere keren is het er ook ineens. Denk aan J.K. Rowling die de zeven boeken van Harry Potter als bij toverslag ‘doorkreeg’ terwijl ze met haar baby in een café zat.
Een creatief schrijfproces houdt het midden tussen weten waar je uit wilt komen en een open vizier. Een reisdoel en de benodigde bagage, maar ook een routekaart zijn handig. Aan de andere kant is het belangrijk het toeval een kans te geven, je vrij te voelen en te vertrouwen op je (innerlijke) kompas. Ideeën en inspiratie krijgen jou te pakken, en meestal niet andersom. Alles begint met een goed idee of een ingeving. Maar een goed idee bedenken lukt niet. Vaak borrelen goede ideeën naar boven, nemen ze bezit van je of houdt een bepaald onderwerp je al tijden bezig. En gevoed door herinneringen, ervaringen, beelden en ontmoetingen kan het creatieve schrijfproces in gang gezet worden.
Verzamelen en plunderen
Verhalen liggen voor het oprapen: een foto in de krant, een afgeluisterde dialoog in het café, een herinnering, een levensverhaal, een beeld. Zorg dat je altijd een notitieboekje bij je hebt waarin je opzetjes, ideeën, associaties en gedachtekronkels kunt noteren. Het verzamelen van goede ideeën is de start van ieder creatief proces. Later kun je altijd zien wat je weggooit.
Bouw vervolgens voort op ideeën die er al liggen en bekritiseer in dit stadium nog niets. Te hoge eisen staan de creativiteit nu nog in de weg en je best willen doen of aan bepaalde eisen willen voldoen veroorzaakt spanning. Openstaan dus! Overal zingt het rond: ideeën, verhalen, personages…. Is er iets wat jou probeert te bereiken? Is er een idee of een verhaal dat via jouw vertelkunst de wereld in geslingerd wenst te worden? Toegeven aan impulsen, losse flodders opschrijven kan zorgen voor verrassingen.
Het gaat om plunderen, jatten en omvormen van materiaal uit de werkelijkheid. Mensen en gebeurtenissen om je heen, maar ook dat wat je leest in kranten, romans, ziet op televisie, films en kunst. Al die fragmenten bij elkaar helpen je aan constructies, personages, verhaallijntjes en dramatische situaties. Er bestaan maar 36 dramatische situaties dus alles kan dienstdoen. Wees hebberig en permitteer jezelf het betere jatwerk. Waarom niet een hedendaagse Medea? Stel dat Hamlet in deze tijd zou leven. Het schrijfproces is misschien pas echt begonnen als een idee verbinding aangaat met een ander idee. Twee zaken die aanvankelijk niets met elkaar te maken hebben, maar die grappig of uitzonderlijk worden als ze op elkaar gaan reageren. Een chemische reactie.
Een vat vol verhalen
Ieder mens is een vat vol verhalen. In mijn storytelling trainingen verrassen de deelnemers zichzelf vaak met de hoeveelheid verhalen die ze al met zich meedragen en het gemak waarmee die opgerakeld kunnen worden. Je zou kunnen zeggen dat we altijd een aantal koffers vol verhalen met ons meedragen op reis, waaruit we kunnen putten. Ik onderscheid er zes. Maar we zouden ze makkelijk kunnen uitbreiden tot meer.
Die zes koffers zijn:
- De koffer met succesverhalen en topmomenten (wanneer heb je je on top of the world gevoeld? Wat heeft je ooit trots en stralend gemaakt?)
- De koffer met deep shit verhalen, fiasco’s, blunders en catastrofes (vertel over momenten dat je diep in de penarie zat, een gigantische blunder beging of dat er een catastrofale gebeurtenis plaatsvond)
- De koffer met verhalen over mentoren, rolmodellen en leraren (Welke figuren in je leven hebben jou geïnspireerd, inzichten verschaft, gestimuleerd? Wie heb je bewonderd? Door wie is jouw kijk op de wereld veranderd?)
- De koffer met verhalen over keerpunten en richtinggevende momenten (verhalen over verhuizingen, scheidingen, dat je van baan veranderde, ergens mee stopte of ergens aan begon; en wat er daarna gebeurde)
- De koffer met familieverhalen (Verhalen over drama’s, conflicten, crisismomenten en geheimen uit je eigen familie)
- De koffer met alle bijzondere filmfragmenten, legendarische sprookjesfiguren, parabels, romans, verhaalfragmenten die je je nog kunt herinneren)
We zouden de reeks koffers kunnen uitbreiden met bijvoorbeeld een koffer met wake up calls, een koffer met spannende momenten of een koffer met verhalen over machteloosheid. Het materiaal uit deze koffers is uitstekend basismateriaal voor al je verhalen.
De Reis in willekeurige volgorde
Hoewel de Reis van de Held begint bij het begin, kan het zijn dat je dramatisch materiaal hebt dat verwijst naar een fase halverwege de reis, naar de ultieme beproeving, naar de oproep, of dat je al een mooi eindbeeld in je hoofd hebt. Dit seminar helpt je te bepalen waar je in het verhaal zit. Een absoluut begin is er dus eigenlijk niet.
De Reis wordt in dit seminar in chronologische volgorde behandeld, maar dat wil niet zeggen dat in de uiteindelijke verhaalversie deze chronologie gehandhaafd moet worden. Het kan juist spannend zijn om halverwege het verhaal binnen te vallen, vanaf het einde terug te vertellen, heen en weer te springen, of te stoppen, zodat je een open einde krijgt.
Wat wil je vertellen? Inspiratie staat voorop. Begin bij dat wat je intrigeert en nieuwsgierig maakt: een karakter waardoor je geintrigeerd bent, een dialoog, een gebeurtenis, een krantenbericht of een plaatje. Fascinatie is het belangrijkst. Zo kan een beeld van een groep mensen op een begraafplaats in de druipende regen het begin van een film zijn, maar ook het einde.
Verzamel daarom in de beginfase materiaal voor elke willekeurige etappe van de reis. Alles mag nog. Ideeën zijn nooit weg. Later valt alles wellicht op zijn plek.
Opdrachten en oefeningen
- Haal uit een willekeurige krant tien verhaalideetjes. Alles is nog goed. Stel je bij die ideeën de vraag: wat zou er gebeuren.. – als dit plaats zou vinden in mijn eigen straat – als dit mijn moeder/vader/zoon/broer/dochter betrof – als ik die persoon zou zijn? – als het in een andere tijd zou spelen – als het anders was afgelopen?
- Open een van de koffers, zoek een herinneringsbeeld. Beschrijf het vanuit de derde persoon, en vergroot en accentueer bepaalde aspecten
- Haal herinneringsbeelden op, koppel er een gevoel aan en vertel of beschrijf wat je van deze ervaring leert of geleerd hebt
- Vragen stellen helpt. Als je iedere dag een kwartiertje brainstormt en doorborduurt op wat je hebt aan materiaal, zal zich gegarandeerd een verhaal aandienen waar je mee verder kunt.
- Verzamel verhalen uit je eigen familie. Blader in oude familiealbums of bezoek een oude tante of oom
- Ga naar een historisch museum en maak met je mobiele telefoon foto’s van de schilderijen waarop mensen uit voorbije tijden staan afgebeeld. Kies een figuur uit de reeks die jij zou willen ontmoeten. Beschrijf de ontmoeting.
- Ga naar een park of reis met de trein, observeer mensen en schrijf innerlijke monoloogjes voor deze mensen: wat houdt hen bezig…
- Schrijf dialogen van bekende/beroemde mensen met hun partner als ze s’morgens wakker worden. Schrijf een dialoog tussen voorwerpen of dieren, bijvoorbeeld de kaas en het brood, een duif en een boom.
- Zoek naar het meest dramatische moment voor iemand die je uit je straat kent. Wat zou het ergste zijn wat hem of haar zou kunnen overkomen?
DE HELDENREIS IN TWAALF STAPPEN
De reis gaat beginnen. In dit tweede praktische deel behandel ik de twaalf stappen stuk voor stuk. Iedere stap wordt geïllustreerd met verhalen uit films en romans. Mijn ervaring is dat hoe meer je de motieven en de dramatische functie van elke stap eigen maakt, hoe meer je ze gaat herkennen in uiteenlopende verhalen, in de levensgeschiedenissen van mensen om je heen en in jouw eigen verhaal.
Na de uiteenzetting van de dramatische kern en de dramatische functies van elke stap volgt een opsomming van de dramatische acties die je in de betreffende fase kunt gebruiken. Het gaat daarbij om de handeling, de beweging die je in de betreffende fase kunt herkennen en die je als verhalenverteller kunt inzetten om stuwing aan je verhaal te geven.
Daarna volgen een samenvatting en de opsomming van mogelijke personages en archetypes die in de betreffende fase opgevoerd kunnen worden. Omdat in iedere fase een andere energie werkzaam is, zijn de personages telkens een veruiterlijking, een expressie van een (deel) aspect van de held en representeren ze de energie of de actie die op dat moment werkzaam is.
Iedere stap eindigt met praktische opdrachten en oefeningen.
Niet alleen schrijfoefeningen maar ook oefeningen die je kunnen aanzetten tot zelfonderzoek. Ieder mens is immers een vat vol verhalen.
Daarbij raad ik je bij iedere stap aan zoveel mogelijk jouw eigen voorbeelden te zoeken. Ik wens je een inspirerende ontdekkingsreis.
Stap 1. Proloog
‘quote film’
De opening van een verhaal, dat wat voorafgaat aan het echte avontuur moet enerzijds intrigeren en de belangstelling opwekken, en tegelijkertijd voelbaar maken dat er hoognodig iets moet gebeuren. Het is al voelbaar onder de oppervlakte. Deze fase kan een knagend gevoel van onrust geven, een onbestemd soort rusteloosheid. Want wat is er aan de hand bij de opening van het verhaal? Maar vooral ook: wat ging eraan vooraf? Wat heeft geleid tot deze situatie? Wat is het eerste dat we zien of lezen? Hoe zorg je ervoor dat je lezer of kijker geboeid is en benieuwd is naar hoe het verdergaat? Welke toon zet je?
De uitgangssituatie
In deze fase leren we onze held in zijn gewone leventje kennen. Alles is nog in betrekkelijke rust. In sprookjes is dit de fase van ‘Er was eens…. De hoofdpersoon is in zijn gewone doen, dag in dag uit. Dat kan al jaren zo het geval zijn. De Proloog is de fase in het verhaal voordat het echte avontuur begint. Deze toont de status quo, waarin alles nog in relatieve orde verkeert. Het is een uitstekende manier om de held te introduceren, privé, in zijn werksituatie en is tegelijk een belangrijke stap in het verhaal omdat, als het goed is, het hele drama in de Proloog besloten ligt.
Tegelijkertijd onderscheidt deze fase zich van de nieuwe wereld waar de held zich in gaat begeven nadat hij het avontuur tegemoet is getrokken. De Proloog laat zien hoe het er altijd aan toegaat (of ging)., maar toont ook op subtiele wijze wat er zou moeten veranderen en wat er zou kunnen of moeten gebeuren. Het gewone leventje vertelt over de held en de achtergrond, de thuisbasis en maakt tegelijk het hele drama voelbaar.
Soms geven mensen op de vraag hoe het met hen gaat het volgende antwoord: O, zijn gangetje… Dan weet je: het sukkelt en suddert een beetje. Het leven is voorspelbaar en wellicht wat saai. Er zou iets moeten gebeuren. Maar wat? En dat is precies het gevoel dat je zou moeten oproepen in deze fase.
De held is zich soms nog niet bewust van wat er komen gaat. In sommige films wordt hij of zij dan ook letterlijk ‘slapend’ geïntroduceerd. Misschien droomt hij van iets, heeft hij vage voorgevoelens, kampt hij met heimelijke innerlijke conflicten of broedt hij op een idee. Het is allemaal nog onder de oppervlakte.
Schets dus in je verhaal een situatie die zwanger is van een komende gebeurtenis. De Proloog draagt alles in zich en bevat niet alleen de backstory (de voorgeschiedenis) maar het hele verhaal ligt als een slang opgerold te wachten totdat er iets gebeurt waardoor beweging in gang gezet wordt. Het thema wordt al voelbaar.
De dramatische kern
In deze fase van het verhaal ervaart de held een situatie van incompleet zijn en heeft hij zich nog niet in volle glorie ontwikkeld. Hij is zich zelfs vaak niet bewust van zijn volledige potentieel en bestemming. Hij kan al jaren genoegen nemen met wat het leven hem biedt. Het is het metaforische dorre land: Er ontbreekt iets. De koningin is onvruchtbaar en de weduwnaar leeft al jaren alleen met zijn zonen. Misschien is het leven saai, is de held arm of op zoek naar een geliefde of erkenning of er is sprake van sleur, onvruchtbaarheid, armoede, zelfgenoegzaamheid, blindheid of een ‘dromen van’.
Dramatische functies
Uiteenzetten.
Een belangrijke functie van de Proloog is het uiteenzetten van de hele situatie, ook wel expositie genoemd. Welke informatie hebben we nodig om de rest van het verhaal te volgen en op waarde te schatten? Wat is er aan de hand? Wat heeft er tot deze situatie geleid?
Uiteenzetten heeft als doel dat we ons hoofdpersonage in diens vertrouwde omgeving leren kennen. We introduceren de held en maken kennis met zijn innerlijke problemen, zijn angsten, voorkeuren, hobby’s, zijn privé leven en zijn professionele leven. We moeten van hem gaan houden en dat kunnen we doen door hem te tonen als mens met een reeks aan sterke en zwakke karaktereigenschappen. Een mens zoals we dat allemaal zijn.
Uiteenzetten heeft daarom betrekking op alle relevante informatie die de held op dit punt in het verhaal heeft gebracht. Subtiliteit is echter geboden. Als we te veel weggeven in deze fase maken we niet alleen het publiek lui, maar halen we ook de spanning weg. Als we te weinig vertellen, zal het publiek denken: waar gaat het nu eigenlijk over?
Door een heldere expositie gaan we begrijpen waar het verhaal om zal gaan draaien, voeren we de spanning op en maken we voelbaar wat het onderliggende probleem is of welke kwestie aan de orde zal komen in de rest van het verhaal.
Contrasteren
Het gewone leventje in de Proloog tonen heeft eigenlijk als functie dat je de situatie scherp kunt afzetten tegen de rest van het verhaal als de held het avontuur eenmaal is aangegaan. Toon je held daarom in onzekere en incomplete staat. Het is de wereld voordat we met Alice het konijnenhol in duiken. Een wereld waarin verveling, sleur, lichte onvrede, een gevoel van gemis, teleurstelling, kwetsbaarheid en emotionele pijn voelbaar zijn.
Zorg wel dat het in deze fase van het verhaal om een herkenbare wereld gaat. We kennen allemaal wel ergens diep in ons zo’n gevoel van gemis. Door je hoofdpersoon in het begin kwetsbaar, zwak en incompleet te tonen, kan de lezer zich identificeren. Toch moet je hem ook weer niet al te kwetsbaar maken. Je held kan er aan de andere kant weer een kei in zijn zijn zwakke plekken te verstoppen en te verbeteren. En dat doet hij door geprikkeld te reageren, overgevoelig te zijn of juist door een te groot ego te tonen. De held toont misschien min of meer onsympathiek gedrag. De lezer moet wel aanvoelen dat er iets nodig is om hem meer in balans te krijgen en dat hij zijn huidige bestaan bijna ontgroeid is. En daar gaat het verhaal hem nu precies bij helpen.
Vooruitblikken en voorspellen
Een andere functie van de Proloog is het vooruitblikken en de afloop voelbaar of zichtbaar maken. In het begin van je verhaal ligt, als het goed is, het hele drama al te wachten. Het kan goed werken om vast een beeld te schetsen van het dilemma waar de held mee te maken krijgt, of een voorspelling te doen die vervolgens aan het hele verhaal ten grondslag ligt. Antonia voorspelt dat dit haar laatste dag is, in Oedipus voorspelt het orakel dat Oedipus zijn vader zal vermoorden en met zijn moeder zal trouwen. Macbeth van Shakespeare opent met een voorspelling door drie heksen dat Macbeth koning van Schotland zal worden.
De voorspelling, de droom of fantasie zet de zaak in beweging. De bedoeling van vooruitblikken is dat je als lezer gaat voelen en vermoeden waar het verhaal naartoe zal bewegen. Vooruitblikken in de Proloog kan betekenen dat je begint met het einde. Dat kan een mysterieus openingsbeeld zijn, dat pas, wanneer alles verteld is, op zijn plek valt. Een bekend voorbeeld is de proloog uit American Beauty. We vernemen uit monde van de hoofdpersoon Lester Burnham dat hij over een jaar dood zal zijn, maar hoe dat precies gaat gebeuren, weten we pas als we de film helemaal gezien hebben.
Ook al bevinden we ons nog in de gewone wereld, licht vast een tipje van de sluier op van waartoe jouw held in staat zal zijn of waar diens bestemming ligt. Wat voorvoelt hij en waartoe zou hij in zijn grootste versie in staat zijn?
Het drama voelbaar maken
Door de held te introduceren, spanning te creëren, en uiteen te zetten wat er geleid heeft tot de huidige situatie, wordt het drama voelbaar. Als je je held introduceert als iemand die iets mist, wordt het tegelijkertijd spannend hoe hij dat gemis gaat oplossen. Hoe lastig is het om aan het gewone leventje te ontsnappen? Zal het de held lukken gelukkiger, completer te worden? Zal Tony Soprano consequenties trekken uit zijn gewetensonderzoek bij zijn psychiater dr. Melfi? Zal het Macbeth lukken om koning van Schotland te worden? Gaat Hamlet iets doen met de wetenschap dat zijn vader vermoord is? Zal Roodkapje netjes op het bospad blijven? We hopen van wel maar we vrezen van niet of andersom: we vrezen van wel maar we hopen van niet. Wanneer je het publiek eenmaal in die modus hebt gekregen – tussen hoop en vrees – ben je klaar om verder te gaan.
Contrast aanbrengen tussen ‘willen’ en ‘nodig hebben’
Wat goed werkt is om dit stadium het onderscheid te maken tussen wat de held wil en wat hij nodig heeft. De held is zich nog niet bewust van wat hij in wezen nodig heeft om tot ontwikkeling te komen en gelukkig te worden, en leeft nog in een illusie. Hij wil bijvoorbeeld meer geld verdienen. Hij denkt dat meer geld de oplossing is voor zijn onvrede, maar wat hij eigenlijk nodig heeft is bijvoorbeeld meer vrijheid, zodat hij de tijd heeft om te reizen en nieuwe werelden te ontdekken (omdat dat zijn ware bestemming kan zijn). Bepaal wat jouw held wil en hoe dat contrasteert met wat hij eigenlijk nodig heeft.
Samenvatting
Stap 1, de Proloog introduceert de held in zijn normale, ietwat incomplete leven. Het is relatief statisch maar wel instabiel. We leren hem kennen met al zijn sterke en zwakke eigenschappen, waarin voelbaar wordt wat er ontbreekt en waarin door een vooruitblik of uiteenzetting spanning of mysterie wordt gecreëerd. Aan het einde van deze fase is het drama voelbaar, is de plotvraag helder, het publiek betrokken en nieuwsgierig, en zijn we klaar voor het avontuur.
Dramatische actie in deze fase
Wachten, broeden, slapen, sukkelen, voorspellingen doen, met de stroom meegaan, routineus handelen, voorvoelen, anticiperen, je intuïtie gebruiken, dromen over de toekomst.
Opdrachten en oefeningen
- Verzamel uit je eigen leven momenten en periodes dat het leven een beetje voortsukkelde of waarin er een vaag gevoel van onrust was en je je heimelijk of nog onbewust aan het voorbereiden was op een nieuw avontuur. Hoe voelde dat?
- Beschrijf het leven van alledag van jouw hoofdpersonage. Wees gedetailleerd en specifiek, niet alleen wat betreft de uiterlijke handelingen die verricht worden maar ook wat betreft het innerlijke leven. Welke gedachten en dromen houden jouw hoofdpersoon bezig?
- Stel vragen aan je held (en schrijf die dialoog uit) Wat is zijn diepste wens? Aan wie dacht hij vanmorgen toen hij opstond? Wat is zijn leukste jeugdherinnering?
- Laat je hoofdpersoon in allerlei dagelijkse handelingen zien. Hoe gaat hij naar de bakker, wat zijn zijn gewoontes? Hoe ziet zijn standaarddagindeling eruit? Wat is de grootste angst van je held? En waar houdt hij zich vooralsnog aan vast?
- Zou je kunnen omschrijven wat het grootste gemis is in het leven van je hoofdpersoon?
- Wat wil je held en wat heeft hij nodig? Beschrijf wat zijn heimelijke verlangens zijn, wat hij zou willen bereiken in het leven. Wat zijn zijn valkuilen, blinde vlekken, karakterzwaktes?
De Oproep tot Avontuur
Wake up, Neo… The Matrix has you. Follow the white rabbit – The Matrix
Introductie
Iedereen kent het wel: een telefoontje, een ontmoeting, een gesprek, een ontdekking waarmee alles in beweging komt. Het projectvoorstel, het plan voor de reis of het idee wordt geboren. Het is de vlam in de pan, de energie van een goed idee, een vreemde of intrigerende ontdekking, de kick van een nieuw initiatief, maar soms ook een onrustbarende boodschap. Probeer zoiets nog maar eens uit je hoofd te zetten.
Uitgangssituatie
De vorige stap heeft duidelijk gemaakt dat er een einde moet komen aan het gewone, veilige (soms saaie) en bekende leventje. De oude patronen en ingesleten gewoontes volstaan niet meer; de held is ze ontgroeid. Nu moet er beweging in de zaak komen. In de Proloog heb je laten zien dat er sprake was van onrust, een vaag verlangen, een stilzwijgend conflict, een gemis of een incompleet gevoel. Eigenlijk was er nog niet zoveel aan de hand, maar de held onderdrukt wellicht al heel lang een verlangen, negeert zijn behoeften of verstopt zijn pijn. Maar nu gaat de ziel zich roeren en dan gebeurt er zomaar (maar wat is toeval?) iets. Een boodschapper staat op de stoep met een oproep. En hoe die oproep er ook uitziet, of hij triviaal of verheven is, het is een teken dat het tijd is voor een nieuw (geestelijk) avontuur. Je held zal zijn vertrouwde omgeving moeten verlaten.
Dramatische kern
De Oproep tot Avontuur wordt ook wel ‘het motorisch moment’, de ‘dramatische kus’ of het inciting incident genoemd. Nu je de held hebt geïntroduceerd, moet de motor worden opgestart om het verhaal in gang te zetten. De oproep kan van buiten komen door middel van een brief, een telefoontje, een afspraak, onverwacht bezoek of een schijnbaar toevallig ongeluk. Maar het kan ook een interne trigger zijn: een droom, een visioen, een impuls. .. De held kan ineens genoeg hebben van de situatie. De Oproep tot Avontuur moet de held uit zijn vertrouwde situatie uit jagen.
Dramatische functies
- De held uit zijn comfortzone halen.
De oproep is dermate dwingend en onontkoombaar dat de held uit zijn comfortzone wordt geduwd, al dan niet vrijwillig. Desoriëntatie is het gevolg: hoe gaan we dit aanpakken?
In sommige verhalen zie je dat de Oproep tot Avontuur een gevoel van afkeer oproept bij de hoofdpersoon. Denk bijvoorbeeld aan de lelijke kikker uit het sprookje ‘De Kikkerkoning’of de slang uit het Oude Testament die Eva uitdaagt een appel te plukken van de boom der kennis. Draken, slangen, kikkers – ze zijn angstaanjagend, want ze representeren de onderdrukte gevoelens in onszelf. Maar als je ze volgt, openbaart zich vaak toch een schat. Denk ook aan de afzichtelijke reus Hagrid, die Harry Potter komt vertellen dat hij een tovenaar is en naar de tovenaar school moet. De boodschapper kan dus een intrigerende, fascinerende gestalte aannemen en zich opwerpen als gids die de held een nieuwe fase van zijn leven in zal loodsen.
Behalve afschuw kan de Oproep schrik, ongemak, opwinding , energie en doelgerichtheid bij de hoofdpersoon wakker maken. De held kan verleid worden, uitgedaagd worden. De Oproep kan iets onbekends, iets verrassends of iets engs zijn, maar is onmiskenbaar noodzakelijk voor de ontwikkeling van het hoofdkarakter en van je verhaal. De held moet hier wel op reageren.
2. Beweging in het verhaal brengen
De Oproep zet de boel in beweging. Er moet van alles gebeuren, en de opgave waar de held voor staat is niet altijd makkelijk. Hij moet een ziek familielid opzoeken aan de andere kant van de oceaan, wordt met ontslag geconfronteerd, verleid of uitgenodigd om aan een gevaarlijk en risicovol project mee te doen.
De opdracht zet evenwel niet altijd aan tot een verheven avontuur. In de film The Godfather wil Michael Corleone die rechten heeft gestudeerd en heeft gediend in het leger, niets met de mafiazaak van zijn vader te maken hebben. Hij is met een keurig burgermeisje getrouwd en belooft haar niet aan de criminele zaakjes van zijn familie mee te doen. Maar later in het verhaal wordt hij, door de moord op zijn broer, alsnog opgeroepen actief deel te nemen aan de familiezaak. Hoe gaat hij hierop reageren?
3. Het probleem duidelijk maken
Zorg dat je held door middel van de Oproep een pittig of complex probleem in de schoenen geschoven krijgt. Hij zal daarop moeten reageren en in actie moeten komen. Breng je held in een lastig parket of bezorg hem de uitdaging van zijn leven. De Oproep is is altijd in zekere zin opwindend. Gaat je held gehoor geven aan de Oproep? Hoe gaat hij daarmee om? Het probleem moet voldoende vragen oproepen en dilemma’s met zich meebrengen. Het verhaal dat je gaat vertellen moet op deze vragen antwoord geven.
Soorten oproepen
Externe oproepen
De Oproep tot Avontuur kan zich aandienen in allerlei vormen: de held ontmoet iemand die hem een voorstel doet of hem verleidt, zijn huis brandt af of hij krijgt een ongeluk. Het bedrijf gaat failliet en de werknemers staan op straat, de held wordt gebeld en krijgt een verzoek, of hij raakt buiten zijn wil betrokken bij een overval. Oproepen die van buiten komen, kunnen zich voordoen als toeval, maar zijn in feite de manifestatie van krachten die al heel lang onder de oppervlakte werkzaam waren. De psyche is er klaar voor en herkent de oproep. De Held wordt wakker geschud.
Interne oproepen
Als gevolg van diezelfde krachten als weggestopte onrust, verlangen of pijn, kan de oproep ook intern ontstaan en aanzetten tot handelen. De held zegt uit vrije wil zijn baan op, of een droom doet hem een reis aanvaarden of een risicovolle onderneming starten.
Diverse of tegenstrijdige oproepen
Soms is er meer dan één oproep nodig om de held in beweging te krijgen. Weigerachtige helden ontlopen liever hun verantwoordelijkheid, maar worden dan opnieuw en vaak indringender opgeroepen. Als je het niet goedschiks snapt, dan maar kwaadschiks, lijkt het lot dan te zeggen.
Maar wat gebeurt er als de hoofdpersoon te maken krijgt met twee tegenstrijdige, maar gelijktijdige oproepen? Bijvoorbeeld: een jonge vrouw heeft eindelijk genoeg geld gespaard om haar gedroomde wereldreis te gaan maken, maar hoort op de vooravond van haar reis dat haar moeder ernstig ziek is. Aan welke oproep geeft ze gehoor? Bij tegenstrijdige oproepen gaat het erom dat de held het hogere doel in zijn leven gaat ontdekken Je kunt nog zo gefocust zijn op een bepaald doel, het kan zomaar zijn dat zich iets aandient wat van groter en wezenlijker belang is voor je persoonlijke ontplooiing.
Samenvatting
Stap 2. De Oproep tot Avontuur, jaagt de held uit zijn vertrouwde omgeving het avontuur in. De Oproep kan allerlei vormen aannemen en is over het algemeen onbekend, verrassend of angstaanjagend, maar vaak ook fascinerend. De held wordt geconfronteerd met een uitdaging, probleem of dilemma: neemt hij zijn verantwoordelijkheid of niet? Geeft hij er gehoor aan? Het resultaat van de Oproep is dat de held een keuze maakt, zijn vertrouwde omgeving verlaat en een onbekende weg inslaat. De reis is daarmee begonnen, en heeft gevaren en geschenken voor hem in petto.
Dramatische actie in deze fase
Initiatief nemen, impuls volgen, schrikken, risico’s nemen, tot actie bereid zijn, energie ontwikkelen, daadkracht tonen, pionieren, openstaan.
Personages en archetypes die opgevoerd kunnen worden
Een boodschapper, een postbode, een oude bekende, een vreemde eend in de bijt, een volslagen vreemde, een nieuwkomer, een pionier, een ondernemer, een verleider.
Opdrachten en oefeningen
- Verzamel uit je eigen leven momenten waarop je uit je comfortzone werd verdreven. Ken je dergelijke momenten uit het leven van anderen? Beschrijf hoe dwingend deze momenten waren en welk gevoel ze veroorzaakten.
- Is de oproep in jouw verhaal een interne oproep of komt hij van buiten?
- Wat is de meest dwingende oproep die je je held kunt voorschotelen? Waarmee plaats je hem in een extreem dilemma?
- Is er sprake van afkeer als je held de ‘oproeper’ ziet? Maak eens een lijstje met mogelijke lastige dilemma’s voor je held die hem verleiden tot actie.
- Omschrijf wat je held aan veiligheid verliest als hij het avontuur aangaat. Wat is nu eigenlijk het probleem? Zijn er meerdere oproepen nodig?
Stap 3. WEERSTAND EN WEIGERING
Tegenwerking, weerstand en weigering hebben een belangrijke functie als het erom gaat het wilsverlangen van je held aan te wakkeren, maar ook om diens doorzettingsvermogen te beproeven. Het ‘willetje’ proberen te breken kan daarom ook goed zijn voor de ontwikkeling van de personages in je verhaal.
Uitgangssituatie
De vorige stap heeft de held een probleem of een uitdaging in de schoenen geschoven. Vaak zie je dat de held in sommige gevallen terugdeinst. Hij schuift het gevaar voor zich uit of steekt zijn kop in het zand. Liever blijft hij nog in de stabiliteit van het gewone leventje. Hij ontwikkelt een weerstand tegen de veranderingen die op stapel staan.
Dramatische kern
De stap ‘Weerstand en Weigering’ behandelt de consequenties van de Oproep en maakt duidelijk waarom de Oproep bijna altijd een gevoel van verzet, tegenwerking of weigering oproept. De held beseft immers waar hij ‘ja’ tegen heeft gezegd of in welk parket hij is beland of welk risico hij loopt, en dat roept weerstand op. Dat kan een innerlijk verzet zijn, bijvoorbeeld in de vorm van angst voor het onbekende (waar ben ik in godsnaam aan begonnen) of het kan het verzet zijn uit de externe omgeving (we willen niet dat je gaat).
Deze stap is belangrijk in de ontwikkeling van spanning, maar ook bij het opbouwen van de kracht van de held. Hij leert omgaan met weerstand, ontkenning en weigering. Doordat hij ‘nee’ zegt, wordt er stilgestaan bij wat er nu precies op het spel gezet wordt. Dit komt de verhaalkracht altijd ten goede. En daarmee wordt meteen duidelijk dat er een nieuwe opgave is geboren: het opgeven van het verzet en het weerstaan van de weigering. We zien dat wanneer de weigering uiteindelijk opgegeven wordt, groei, ontwikkeling en verandering in gang gezet kunnen worden en dat het verhaal op stoom komt.
De weigering kan een subtiel moment zijn in het verhaal: een aarzeling, een twijfelachtige blik, een zucht, een terloopse opmerking. Het is niet altijd nodig er lang bij stil te staan. Soms zijn de risico’s evident en is de motivatie al sterk genoeg.
Dramatische functies
- Mentale of fysieke voorbereiding
De weerstand of de weigering die nu voelbaar wordt, doet de energie en het initiatief uit de fase van de Oproep stagneren en deze fase is dus een pas op de plaats met een sterk dramatische functie. De held krijgt de gelegenheid zich mentaal of fysiek voor te bereiden op het avontuur. Het komende avontuur zal het nodige van hem eisen. Het is niet zonder gevaren en sterker nog: het kan levensgevaarlijk zijn. Even pas op de plaats maken kan hierbij helpen. Dat geeft de held tijd en ruimte om de juiste voorbereidingen te treffen. Die kunnen de vorm hebben van een fysieke voorbereiding (training) bagage verzamelen, speciale kleding aanschaffen, voorraden aanleggen, spierballen kweken of een bepaalde zaak grondig bestuderen.
2. Motivatie versterken
Een tweede dramatische functie is dat de held ertoe uitgedaagd wordt zijn motivatie nog eens goed te overdenken, stand te houden en argumenten en moed te verzamelen Een beter projectvoorstel, een grondig onderbouwd stuk, beslagen ten ijs komen of even hard doorbuffelen kan helpen anderen te overtuigen , maar ook de eigen innerlijke twijfel te overwinnen. Het ‘oponthoud’ zorgt ervoor dat de held de consequenties op een rijtje kan zetten en hij de tijd heeft om zich ten diepste te committeren. Door de ‘pauze’ die wordt ingelast, krijgt hij tijd om zijn reis nog beter voor te bereiden en zijn motivatie nog sterker te maken.
3. Weerstand opbouwen
Net als bij een dreigende griep gaat het erom nu zoveel weerstand en afweer op te bouwen dat de held bestand is tegen alles wat er gaat komen en niet bij het minste of geringste onderuit gaat.
De toon wordt gezet: het gaat hier om niet zomaar een akkefietje. Bovendien: door tegenwerking ontwikkelen we (innerlijke) kracht en doorzettingsvermogen. En dat gaat niet over één nacht ijs.
4. Duidelijk maken wat er op het spel staat
De reden voor de weigering ligt vaak in het verleden. OP basis van eerdere ervaringen zijn vrienden, familie of anderen er stellig van overtuigd dat het beter is voor de held dit avontuur niet aan te gaan. Je kan er ziek van worden, je zet je veiligheid en zekerheid ermee op het spel of het lukt toch nooit .In verhalen kun je allerlei personages opvoeren als personificaties van de innerlijke angsten en twijfels van de held.
Het kan ook zijn dat je held vanbinnen zelf ook twijfelt of hij het avontuur wel tot een goed einde kan brengen. Als de argumenten van de omgeving sterk genoeg zijn, bestaat de kans dat hij er toch maar van afziet. En dan is hij meteen een slappeling. Bij de eerste de beste tegenwerking al opgeven getuigt niet bepaald van doorzettingsvermogen en innerlijke overtuiging.
Zelfs de meest onverschrokken helden in avonturenfilms zie je eerst terugdeinzen. Zo is er heel wat nodig om Clint Eastwood in Unforgiven te overtuigen zijn kinderen achter te laten en mee te gaan met een oude makker om wraak te nemen. Eerdere ervaringen hebben hem sadder en wiser gemaakt, en hij weigert (I ain’t like that no more) Als hij zijn innerlijke verzet dan toch overwint, is daar een sterkere motivatie voor in de plaats gekomen. Met het geld dat hij verdient kan hij zijn kinderen een beter leven bieden.
Soms kan langdurige tegenwerking een komisch effect hebben. Als dat de bedoeling is, is dat goed, maar vaak zet te veel tegenwerking de boel niet goed in beweging.
5. Dilemma duidelijk maken
De Oproep was dan weliswaar onontkoombaar, maar in deze fase lijkt het of er nog een uitweg is. Laat je held spelen met de volgende gedachte: ‘Ga ik het avontuur aan of hou ik het liever bij het oude vertrouwde? Het laatste is veilig en verschaft hem zekerheid; het avontuur aangaan betekent een onbekende afloop en gevaar voor eigen leven. De held aarzelt : ‘Als ik nu gevolg geef aan de oproep raak ik mijn baan, vrouw, veiligheid en zekerheid kwijt. Maar als ik geen gevolg geef, zal ik nooit weten wat het lot voor mij in petto had (Alice in Wonderland) of zal dat monster onze stad blijven teisteren (Minotaurus), kom ik nooit uit deze midlifecrisis (American Beauty). De aarzeling en de twijfel maken de held menselijk en horen bij de fase van de weigering.
6. Ontkenning
Ontkenning betreft een algemeen psychologisch afweermechanisme dat de held in deze fase (kort na de Oproep) nog enige bescherming moet bieden. De Oproep is in dit geval ingrijpend en dramatisch en treft de held diep. Hij kan het niet verwerken. Het bericht van het overlijden van een geliefde, de diagnose van een levensbedreigende ziekte, een verleidelijk aanbod: de held kan het nog niet overzien, wijst de traumatische of opwindende waarheid nog even af omdat die te hard, te genadeloos , te vermoeiend of te ingrijpend is. Ontkenning biedt hem de gelegenheid de waarheid langzaam tot zich door te laten dringen. Ontkenning kan dramatisch heel goed werken, omdat die ook het principe van ‘uitstel’ in zich draagt. En uitstel is cruciaal bij spanningsopbouw.
Volharden in de weigering
Weigeren van de Oproep leidt tot een ‘pauze’ een pas op de plaats, en het gevaar bestaat dat het avontuur niet doorgaat en wat zou dat jammer zijn. Toch komt het in bepaalde gevallen er juist op aan wél te volharden in de weigering, om te voorkomen dat het gevaar zijn werk gaat doen en de held zijn missie niet kan volbrengen. Zo moest Odysseus aan de mast vastgebonden worden om niet verleid te worden door de Sirenen. Het hogere doel van Odysseus is immers terugkeren naar huis. Soms moet de held op een bepaald (lager) niveau volharden in de weigering om de Oproep op een hoger niveau te kunnen volbrengen. Als hij in dit stadium zou bezwijken voor de verleiding, zou dat einde verhaal zijn.
In het Oude Testament adviseren twee engelen Lot om met zijn familie de verdorven stad Sodom te verlaten, omdat God de stad vanwege de slechtheid van zijn inwoners wil verwoesten. Lot twijfelt en zijn vrouw verzet zich. Vervolgens pakken de engelen Lot, zijn vrouw en beide dochters bij de hand, en dwingen hen direct de stad te verlaten en niet meer om te kijken. Eenmaal buiten de stad kan de vrouw van Lot zich niet bedwingen. Ze kijkt toch om en verandert in een zoutpilaar. Kijk niet te lang en te vaak achterom, lijkt dit verhaal te zeggen. De vrouw van Lot verandert in een zoutpilaar omdat ze volhardt in haar weigering en toch omkijkt naar de stad die ze moet verlaten. Blijven weigeren kan dus desastreuze gevolgen hebben.
Zoals we zien in dit verhaal over de vrouw van Lot verandert een held meestal in een tragische held als hij te lang in de weigering volhardt. Hij heeft de boodschap niet begrepen, hij heeft groei opzettelijk tegengehouden, heeft zijn hart niet geopend, zijn blikveld niet verruimd, hij is eigenwijs of arrogant of te vasthoudend geweest en ondervindt daarvan nu de tragische gevolgen.
Uit de Griekse mythologie kennen we het verhaal van Sisyphus, de man die tot drie keer toe de oproep van de goden in de wind slaat en daarmee denkt hun slimmer af te zijn. Als de goden hem dan uiteindelijk toch te pakken krijgen, wordt hij ertoe veroordeeld een zwaar rotsblok tegen de berg op te rollen, dat telkens net voor de top bereikt is weer naar beneden rolt. Sisyphus is gedoemd voor eeuwig en altijd dat rotsblok de steile berg op te duwen.
Samenvatting
Stap 3 Weerstand en Weigering gaat over het opbouwen van kracht. Of het nu om subtiele interne weigering, hartgrondig verzet uit de omgeving of een psychologische ontkenning gaat, de held wordt in deze fase gevraagd zijn angst te overwinnen, zijn twijfels opzij t e zetten, en zijn motivatie te onderzoeken. De focus op het grote avontuur wordt aangescherpt. Een innerlijke kracht en een mentale buffer zijn als het goed is het resultaat van deze fase. De held is er klaar voor, en in de volgende stap zal hij ook daadwerkelijk hulp krijgen.
Dramatische actie in deze fase
Terughouden, ontkennen, kop in het zand steken, vasthoudendheid tonen, wilskracht tonen, weigeren, verzetten, buffelen, afzien, verzamelen, bouwen, weerstand ervaren.
Personages en archetypes die opgevoerd kunnen wordne
De volhouder, de harde werker, de weigeraar, de struisvogel, de onwillige omgeving, de vechter, de cynicus
Opdrachten en oefeningen
- Omschrijf waar de weerstand zit in je verhaal. Is die intern of extern? Waardoor kun je de wilskracht en de motivatie van je hoofdpersoon nog sterker maken?
- Omschrijf waar je held stiekem bang voor is.
- Omschrijf waar de omgeving van je held bang voor is. Wat wordt hem geweigerd?
- Tot welk hoger doel wordt de held eigenlijk opgeroepen?
- Wie uit de omgeving van je hoofdpersoon representeert diens innerlijke angst of twijfel? Schrijf een dialoog tussen de held en zijn innerlijke opponent. Waarom wordt de Oproep geweigerd?
- Verzamel voorbeelden waarin jij zelf een Oproep geweigerd hebt omdat er te veel op het spel stond
- Verzamel voorbeelden waarin je een Oproep tot Avontuur hebt geaccepteerd waarvan je achteraf weet dat je die beter had kunnen weigeren
- Verzamel voorbeelden van situaties waarin iemand zijn kop in het zand stak en bleef volharden in ontkenning of weigering. Waar leidde dat toe?
Stap 4. De Ontmoeting met de Mentor
Mentes van Tafos. Zo heette hij. Dat zei hij tenminste. Maar ik denk dat hij een God was. – Telemachos in Odysseus een man van verhalen
Uitgangssituatie
De held is nu mentaal of fysiek sterk genoeg geworden. Hij heeft de weerstand in zichzelf of in zijn omgeving overwonnen en heeft spierballen gekweekt. Zijn motivatie is nu sterk genoeg om verder te gaan. Maar hij heeft nog wel hulp nodig en moet nog veel leren.
Dramatische kern
Om te leren hoe hij verder moet gaan en het oude systeem moet loslaten, ontmoet de held een Mentor. Meestal is dit een held of heldin die de reis al eerder gemaakt heeft. Mentors zijn alle raadgevers, gidsen, trainers en coaches en in de Reis van de Held heeft deze figuur de functie om de held te voorzien van raad of benodigde instrumenten, wapens, trucjes of maskers, die hij tijdens de Reis kan gebruiken.
‘Mentor’ verwijst naar het Griekse woord voor het mentale: menos, en kan daarmee ‘intentie’, ‘kracht’, ‘doel’, ‘geest’ of ‘herinnering’ betekenen. De Mentor zorgt voor een bewustzijnsverandering in het hoofd van de Held waardoor zijn wil een nieuwe richting krijgt. De Mentor is in staat het vertrouwen te versterken en de held het gevoel te geven dat hij tegen de opgave is opgewassen. Menos betekent ook ‘moed’.
‘Het noodlot heeft een misselijk gevoel voor humor, Mentor, mijn oude vriend… het is bitter te ervaren dat je niet meer bent dan een speelbal van het Lot… Mentor wat moet ik doen?
Dit is een passage uit Odysseus. Als Odysseus opgeroepen wordt om de oorlog om Troje te voeren, roept hij zijn oude wijze vriend en raadgever Mentes (of Mentoor) bij zich en vraagt hem om raad. Odysseus vraagt Mentes de opvoeding van zijn zoon Telemachos op zich te nemen en geeft zich dan over aan het avontuur. In sommige verhalen wordt gesuggereerd dat Mentes eigenlijk Athene is, de godin van de wijsheid, die altijd gedaante van de Mentor aanneemt.
We kennen de Mentor in vele gedaantes. Of het nu een goedmoedige oude dwerg is, een dier of een wijze oude vrouw, de voorbereiding op het avontuur wordt mede vervolmaakt door de lessen, de training of de wijze woorden van deze gids. Soms ook door het magische zwaard, het toverdrankje of het boek dat verschaft wordt en waarmee de held krijgt wat hij nodig heeft om de reis te aanvaarden. De Mentor staat dan ook voor ervaring, wijsheid of vertrouwen.
In The Lord of the Rings van J.R.R. Tolkien is het Gandalf, de wijze tovenaar die Frodo helpt bij zijn taak. In Dantes Divina Commedia is het eerst Vergilius die Dante begeleidt op zijn wegen door de onderwereld, en later is het Beatrice die Dante door het Paradijs leidt. Oedipus roept de hulp van de blinde ziener Teresias in als de pest is uitgebroken in Thebe, en zo kunnen we talloze voorbeelden in de literatuur vinden van mentoren die de hoofdpersoon ‘op weg helpen. Theseus krijgt als hij in het hart van het labyrint de Minotaurus moet doden van Ariadne een draad mee, waarmee hij de weg terug kan vinden. De draad staat voor liefde en vertrouwen en Theseus slaagt er dankzij haar hulp in de Minotaurus te verslaan en veilig terug te keren.
In christelijke legendes zie je de mentor vaak terugkomen in de persoon van een heilige die door tussenkomst of boodschappen de hoofdpersoon bescherming biedt. In de Griekse mythen zijn het vaak de goden die interveniëren. Mannelijk of vrouwelijk, beschermend of bedreigend, de mentor gidst de held of heldin door de gevaarlijke zones van het avontuur heen en is daarmee ook een inwijdingspriester of priesteres.
Campbell noemt in dit verband de shapeshifter of de trickster god. Het gaat om archetypische wezens die van vorm kunnen veranderen, zoals de geest uit de fles in Alladin of de kikker uit het sprookje ‘De Kikkerkoning’.
Dramatische functies
- Lessen leren
De held vindt de gids, of de bron van wijsheid, of wordt zelf gevonden. Na de weigering van de Oproep is de hoofdpersoon klaar voor nieuwe ervaringen en staat nu open voor hulp om het vertrouwde daadwerkelijk achter zich te laten. De vraag is of de held of heldin nu sterk genoeg is en de wijze lessen ter harte neemt. Er zullen nieuwe vaardigheden geleerd moeten worden, oude gewoontes afgeleerd en kwetsbaarheden getoond.
Zelf heeft de Mentor de Reis al herhaalde malen gemaakt, of hij kent het klappen van de zweep. De Mentor heeft een hoger bewustzijnsniveau en verschaft de Held adviezen, trucs, geheime wapens en inzichten, of houdt hem een spiegel voor. De Mentor hoeft niet per se in een menselijke gestalte te verschijnen; de hoofdpersoon kan ook een geheime kaart vinden, een boek met geheime formules, een krantenartikel, of anderzins kennis maken met een vorm van oude wijsheid of ervaring waar hij tijdens zijn reis gebruik van kan maken.
In The Matrix zit een beroemde scene waarin Neo (de nieuwgeborene) zijn Mentor Morpheus (god van de dromen) ontmoet. Morpheus stelt Neo voor de keus: een rode of een blauwe pil slikken. Morpheus legt uit dat wij als mensen gevangenzitten in de Matrix, een web van illusies, en dat als Neo de waarheid wil leren kennen, hij de rode pil moet slikken. Neemt hij de blauwe pil, dan zal hij in de oude vertrouwde wereld vol illusies verder leven. Neo slikt de rode pil. Hij krijgt van Morpheus vervolgens les in de kracht van de geest. Met name door deze vaardigheid zal Neo opgewassen blijken te zijn tegen het gevaar dat hem tijdens zijn avontuur bedreigt.
In de film As it Is in Heaven wordt de wereldberoemde, veel te hard werkende dirigent Daniel Daréus door zijn lichamelijke gesteldheid gedwongen te stoppen met zijn werk, en hij besluit terug te keren naar zijn geboorteplaats, een afgelegen dorpje in Zweden. Daniel hoopt de rest van zijn leven anoniem te kunnen slijten, maar wordt gevraagd of hij het plaatselijke kerkkoor wil leiden. De Mentor die in dit verhaal verschijnt is Lena, een jonge vrouw die hem onder andere leert fietsen, een vaardigheid die symbool staat voor een nieuwe balans vinden. Maar Lena leert hem ook dat ontspanning en passie samen kunnen gaan. Daniel wordt door Lena ingewijd in de liefde en leert zijn hart open te stellen.
2. Humor
In de fase waarin de held de mentor ontmoet kunnen fantasierijke en humoristische taferelen en handelingen gebruikt worden. De Mentor helpt de Held en leert hem bepaalde vaardigheden, maar de held is nog onhandig en dat kan grappige en komische taferelen opleveren Vaak begrijpt de held nog niet waarom hij bepaalde dingen moet leren en wanneer hij het geleerde in de praktijk zal kunnen toepassen. Later zal pas blijken hoezeer hem het geleerde van pas komt.
3. Reflectie
In de film Nuevo Cinema Paradiso leert de jonge Salvatore films te projecteren in de oude dorpsbioscoop van zijn oude vriend en mentor Alfredo (gespeeld door Philip Noiret). Alfredo leert Salvatore hoe hij de films moet inleggen en hoe hij ze moet bewaren. Intussen wordt er van de ene film naar de andere film geschakeld als metafoor voor de gedachte dat er vele verhalen zijn te vertellen. De trucs, de regels maar ook de liefde voor het vak die hij van Alfredo meekrijgt, zorgen ervoor dat Salvatore zich tot succesvolle filmer ontwikkelt.
De Mentor houdt de Held een spiegel voor en stelt hem in staat te reflecteren op zijn eigen gedrag, houding en situatie. De gedachten die de Held over zichzelf heeft, zijn bepalend voor hoe hij in het leven staat. Vaak zijn dit ook belemmerende overtuigingen ‘dit kan ik niet’, ‘dat gaat nooit lukken’, ‘ik ben nu eenmaal zo’, of ‘zo moet het gaan en niet anders’. Ook meningen van ouders en opvoeders die de held zich heeft eigengemaakt kunnen een rol spelen. De Mentor bevraagt, reflecteert en toont nieuwe mogelijkheden. ‘Het kan ook anders’ of ‘Waarom doe je het zo?’ De mentor kan tegelijk een rolmodel zijn. Via het gedrag, de vragen, de uitspraken, de spiegel die hem wordt voorgehouden of de idealen ontdekt de held een ongekend reservoir aan mogelijkheden. Er gaat een wereld voor hem open, en die wereld belooft meer geluk en saamhorigheid dan voorheen.
4. Gewetensvragen stellen
Een mooie mentorrol is weggelegd voor Jennifer Melfi, de psychiater van Tony Soprano in de tv serie The Sopranos. Nadat de maffia baas zich bij haar gemeld heeft en heeft verklaard dat hij bereid is zijn ziel en zijn geweten te onderzoeken, houdt zij hem de spiegel voor en stelt hem gewetensvragen. De vraag is of Tony bereid is zijn hart werkelijk te openen, want daarmee zet hij zijn hele bestaan op losse schroeven. De hele serie blijft Melfi als rode draad op de achtergrond aanwezig.
5. Oefenen, leren en imiteren
Maar de mentor leert de held ook nieuwe vaardigheden, en door de ontmoeting wordt nieuw gedrag geoefend. We kennen allemaal het archetype van de Mentor. Iedereen heeft verhalen over rolmodellen inspirerende voorbeelden uit zijn of haar jeugd.
6. Misleiding
De Ontmoeting met de Mentor is ook een fase waarin je als schrijver het publiek kunt misleiden. We zijn als lezer zo ingesteld op de verschijning van een of andere Mentor dat je als schrijver of verhalenverteller in dit stadium ook bedriegers naar voren kunt brengen die zich als mentor voordoen. In sprookjes kennen we het gegeven van de hulpvaardige mentor die het meisje helpt bij het spinnen van vlas (Repelsteeltje) die haar bal uit vijver vist (de Kikkerkoning) of de appel der schoonheid aanbiedt (de stiefmoeder in Sneeuwwitje) maar die in een later stadium iets komt opeisen. De ‘onwetende’ Faust wordt door de duivel Mefistofeles op de proef gesteld en verleid. En de vraag die dan rijst is: lukt het de held goed van slecht advies te onderscheiden?
Samenvatting
Stap 4 de Ontmoeting met de Mentor, is de fase waarin de held een bron van wijsheid aanboort, hulp krijgt, of nieuwe vaardigheden leert die hem klaarstomen voor het aanstaande avontuur. De Mentor kan in levenden lijve verschijnen of in de vorm van een instrument, wapen of boek. De held vindt zijn gids of wordt gevonden. De Mentor verschaft de hoofdpersoon precies datgene wat hij nodig heeft om de reis te aanvaarden en de eerste testen te ondergaan. Maar we zien dat de held zich de inzichten of vaardigheden nog niet helemaal eigen heeft gemaakt; hij is nog enigszins onhandig of mist nog zelfvertrouwen. Maar meestal is dat wat er geleerd is precies voldoende is om de eerste drempel van het avontuur te kunnen overschrijden.
Dramatische actie in deze fase
Spelen en leren, luchtig experimenteren, adviezen, relativeren, van standpunt wisselen, creëren, toneelspelen, reflecteren, oefenen, imiteren.
Personages en archetypes die opgevoerd kunnen worden
De gids, de leraar, de profeet, wezens die van vorm kunnen veranderen, de geest uit de fles, de oude man of vrouw, de engel, het onbevangen kind
Opdrachten en oefeningen
- Bedenk wie jouw mentor of rolmodel ooit is geweest. Van wie heb jij lessen geleerd die jouw kijk op de wereld hebben veranderd?
- Omschrijf wat je hoofdpersoon moet leren voordat hij daadwerkelijk de reis kan aanvaarden. Heeft hij inderdaad een gids nodig?
- Bedenk verschillende soorten mentoren en gidsen voor jouw verhaal. Welke zijn spannend en verrassend?
- Probeer karakters te ontwikkelen die eruit zien als een mentor maar het niet zijn.
- Verzin een schijnbaar onbetrouwbare figuur in je verhaal die zich als Mentor kan ontpoppen.
- Bepaal welke vaardigheden je hoofdpersoon nodig heeft om verder te kunnen? Welke (symbolische) wapens of instrumenten kan hij later goed gebruiken?
Stap 5 DE SELECTIEDREMPEL
Uitgangssituatie
De held heeft in de vorige fase nieuwe inzichten gekregen, nieuwe vaardigheden geleerd of een geheim wapen gekregen van de mentor. Hij heeft voldoende vertrouwen gekregen om het avontuur aan te gaan. Hiermee kan hij even vooruit.
Dramatische kern
De voorbereidingen zijn getroffen en de held staat op de drempel van de nieuwe wereld. Hij moet nu testen of een examen ondergaan. Als het goed gaat, maakt de held zijn entree in een nieuwe onbekende, gedroomde wereld. Hij kan dan niet meer terug. Als er nog twijfels, ontkenning of angsten waren, moeten die nu worden overwonnen. In deze nieuwe fase van het avontuur wordt een point of no return bereikt, waarmee de tweede akte is begonnen. Geen getreuzel meer, actie! De held of heldin springt in het diepe, scheept zich in en kan niet meer terug. In films zie je de held soms letterlijk een sprong wagen, een selectie ondergaan, een deur binnengaan die zich achter hem sluit, of een fysiek gevecht voeren met een wachter aan de poort. Hiermee wordt de eerste belangrijke drempel overschreden. De grens tussen twee werelden – de gewone wereld en de nieuwe onbekende wereld – zie je vaak gesymboliseerd door echte drempels, muren, poorten, balies, rivieren of bruggen.
Dramatische functies
- Engagement bewerkstelligen
Het doel van deze stap is dat je het totale engagement van de hoofdpersoon bewerkstelligt. Alle twijfel moet nu verdwijnen en er moet een gevoel van urgentie ontstaan. Er is geen tijd meer voor overwegingen of bedenkingen. De Selectiedrempel is daarom de tweede echte ‘trigger’ van het avontuur. Waar de Oproep tot Avontuur de hoofdpersoon wakker schudde, is het nu serieus geworden. De held moet beslissen: het is nu of nooit. De overwegingen zijn: ‘Blijf ik in mijn gewone leventje of ga ik echt voor het avontuur, groei en ontwikkeling? Neem ik het risico? Durf ik het echt? Wil ik echt die vrijheid, die passie, dat geld, de waarheid…? Dan moet ik nú niet meer zeuren.
In veel verhalen wordt de spanning opgevoerd door een extra gebeurtenis, waardoor de zaak op scherp gesteld wordt. Zo kan de held of heldin ineens voor een ultimatum worden gesteld, uitgedaagd worden of tot een keuze gedwongen worden. Tot nu toe heeft hij me de gedachte kunnen spelen, maar nu komt het erop aan.
In het boek Into the Wild van Krakauer heeft Chris McCandless een grote droom: afgezonderd van de mensheid in eenvoud in Alaska leven. Hij verlaat de gewone wereld, geeft al zijn bezittingen weg en neemt de naam Alexander Tramp aan. Na een lange zwerftocht bereikt hij uiteindelijk Alaska. Hij steekt de rivier over (de Selectiedrempel) en belandt in de wereld waar hij naar verlangd heeft. Voordat hij de river oversteekt, hangt hij zijn muts (symbool voor zijn oude leven) aan een tak van een boom. Later in het verhaal zal blijken dat hij de inmiddels woeste rivier niet meer terug kan oversteken. Hij ziet zijn muts aan de overkant aan de tak hangen. In dit waargebeurde verhaal werkt de Reis van de Held dus ook.
2. Het testen van moed en overtuigingskracht
De tweede akte van Hamlet begint op het moment dat hij het besluit neemt zijn stiefvader en moeder te testen met een speciaal gearrangeerd toneelstuk. Tot dan toe heeft hij in de eerste akte getwijfeld of hij het verhaal van de geestverschijning van zijn vader wel zou moeten geloven. Hebben zijn moeder en stiefvader zijn vader echt vermoord? Hamlet wil het nu zeker weten en ensceneert zelf de test, maar wordt tegelijkertijd zelf ook getest. een spel dat hij handig meespeelt. De intrige is begonnen! Nu wordt het spannend.
Het overschrijven van de Selectiedrempel vereist moed, daadkracht en soms ook overtuigingskracht van de held, en het kan goed zijn dat het hem lastig gemaakt wordt door mensen die de weg versperren of iets van hem willen. Vaak zijn wachters aan de poort representanten van de status quo, de heersende macht. Het zijn de examinatoren, de bewakers, en ze maken deel uit van de training die de held of heldin moet ondergaan. Vijandigheid, afwijzing, kritiek, ondervragingen, moeilijke opgaven, puzzels – ze zijn bedoeld om de vaardigheden, de bereidwilligheid en de toewijding van de hoofdpersoon op de proef te stellen.
Het is in dit stadium van belang dat onze held of heldin zich ofwel handig voegt naar wat er verlangd wordt of daar slim mee omgaat. De held kan een trucje gebruiken of de poortwachter omkopen, of op een andere wijze slim zijn. De mentor speelt in deze stap vaak ook nog een belangrijke rol. Hij helpt de held, voorziet hem van instrumenten of het juiste paspoort of biedt hem fysiek een helpende hand.
Maar af en toe moet er ook geweld gebruikt worden. Het is zaak dat de held in dit stadium de juiste tactiek hanteert, want alleen dan komt hij de drempel over. Zo verzint Odysseus een list om Troje binnen te dringen. Hij verstopt zich met zijn bemanning in een houten paard, dat door de bevolking nietsvermoedend wordt binnengehaald. Op die manier wordt de Selectiedrempel met een handige list overschreden en wordt de poortwachter misleid.
3. Wetten en geboden
De Selectiedrempel test de hoofdpersoon soms ook op het nakomen van afspraken die in een eerder stadium gemaakt zijn. De mentor heeft speciale instructies gegeven ‘kijk niet om’ ‘niet van het pad af dwalen’ , ‘voor niemand de deur open doen’ of ‘doe de ring niet om’ Ook kan het gaan om het hanteren van een bepaalde formule of een specifieke instructie.
Het is nog een voorlopig instrument of masker waarmee de held of heldin de eerste grote stap waagt. Hij beheerst het kunstje nog niet goed genoeg. In The Matrix daagt Morpheus Neo uit van de top van een gebouw naar het andere te springen, maar Neo kan het nog niet en valt op het asfalt. Hij is nog niet zeker genoeg van zijn zaak.
Bedenk daarom wat jouw held nog voor hulp of instructies nodig heeft om het echte avontuur te kunnen aangaan. Waar zit zijn onzekerheid of zijn onhandigheid?
Samenvatting
Stap 5. De Selectiedrempel, dwingt de held tot een keuze en test zijn bereidwilligheid om het avontuur werkelijk aan te gaan. Het is een point of no return en er wordt van de held echt engagement gevraagd. Het gaat vaak om een test, een examen of een ondervraging. De held of heldin is hier maar ternauwernood tegen opgewassen. Er zijn nog trucjes en hulpmiddelen nodig.
Dramatische actie in deze fase
Overtuigen, ambitie tonen, aanpassen, spanning opbouwen, het beste uit jezelf halen, machtsspelletjes spelen, angsten overwinnen, keuzes maken, in het diepe springen, een beslissing nemen, onder tijdsdruk handelen, iets slims verzinnen.
Personages en archetypes die opgevoerd kunnen worden.
De wachter aan de poort, de selectiecommissie, de examinator, de politie, de bewaker, de schoonvader, de strenge vader
Opdrachten en oefeningen
- Bedenk welke selectiedrempels je uit je eigen leven en werk kent en wat je ooit hebt moeten bewijzen om verder te kunnen op je pad.
- Bepaal of je held of heldin nu helemaal klaar en goed uitgerust is om het avontuur aan te gaan. Bedenk of hij nog specifieke instructies of hulp nodig heeft
- Verzamel argumenten en acties die uit de kast moeten worden getrokken om de buitenwereld te overtuigen. Moet je held gebruikmaken van trucjes of speciale hulpmiddelen?
- Bepaal of er wachters aan de poort staan. Hoe kunnen ze het de held moeilijk maken?
- Welke rol speelt de Mentor in deze fase in je verhaal? Is hij fysiek aanwezig? Hoe verschaft hij hulp?
- Kun je een gevoel van urgentie aanbrengen?
- Moet je held iets slims of handigs verzinnen om verder te komen of zijn eerste doel te behalen?
- Kun je omschrijven wat de eerste les is die je held leert bij het overschrijden van de eerste drempel?
Stap 6 DE NIEUWE WERELD
‘Alice opende de deur en zag een lange smalle gang voor zich, niet wijder dan een rattenhol. Ze knielde op de grond en keek door de gang in de mooiste tuin – Lewis Carroll, Alice in Wonderland
Een droomlandschap vol vreemd veranderlijke tweeslachtige vormen. – Joseph Campbell
Uitgangsituatie
De held heeft de eerste belangrijke testen doorstaan en de selectiedrempel overschreden, en arriveert in een volkomen nieuwe wonderlijke, soms gevaarlijke en onvoorspelbare wereld, waar nieuwe wetten en regels gelden.
Dramatische kern
De gevaarlijke reis naar de duisternis is nu echt begonnen en de held ‘moet afdalen over de kronkelige paden van zijn eigen geestelijk labyrint (Campbell). Het verblijf of de reis in de nieuwe wereld levert gevaarlijke, euforische en desastreuze taferelen op. Er staat vanaf nu meer op het spel, en het gevaar is groter als je je vergist of fouten maakt. De held zal merken dat hij terecht is gekomen in een landschap vol symbolische figuren, die hem makkelijk kunnen verslinden, aanvallen, bedriegen of verleiden. Al zijn naïeve veronderstellingen moeten nu worden opgeruimd en omgevormd. De held ontdekt wat de sleutel is waarmee hij zaken kan oplossen.
We herkennen deze etappe in uitvergrote vorm in films, boeken en strips waarin de held naar een andere tijd wordt getransporteerd via een tijdmachine, of naar een andere planeet (Avatar) of naar de onderwereld (Orpheus) De nieuwe wondere wereld kent vele verschijningsvormen. In Het Proces van Franz Kafka raakt de hoofdpersoon Josef K verstrikt in een ondoorgrondelijk rechtssysteem: een volkomen absurde wereld waarin iedere redelijkheid het moet afleggen tegen de macht van onzichtbare rechters en een benauwende bureaucratie. Josef K wordt ergens van beschuldigd, maar komt er maar niet achter waarvan. Uiteindelijk bekent hij en wordt zijn doodvonnis uitgesproken.
Dit is een voorbeeld waarin De Nieuwe Wereld in een afschuwelijke duistere nachtmerrie verandert waar de hoofdpersoon niet meer aan kan ontsnappen. Maar meestal, ook al zit de held vast in een nachtmerrie, volgt er een crisis waarin het gevoel van benauwenis op zijn ergst is, waarna er op slimme wonderlijke wijze toch een ontsnapping mogelijk is.
Dramatische functies
- Een serie beproevingen
Beproevingen en uitdagingen volgen elkaar nu op. Het zijn moeilijkheden en obstakels, beren en tijgers op de weg die het de held of heldin niet bepaald makkelijk maken, maar die nog niet de heftigheid hebben van de ultieme beproeving later in de reis. Deze testen komen als bij verrassing en worden afgewisseld met voorlopige overwinningen.
Bereid je held daarom in deze fase voor op het echte gevaar. De testen die hij in deze fase moet ondergaan zijn bedoeld om eigenschappen als naïviteit, hoogmoed, slordigheid, eerzucht en egoïsme uit te bannen. Het ego moet gebroken worden en in de Nieuwe Wereld begint onze held dat al te ervaren. De testen kunnen een vervolg zijn van de adviezen of de training die de Mentor heeft gegeven, en de Mentor kan de held in deze fase nog vergezellen of begeleiden; de held kan het vaak nog niet alleen. Kenmerkend is dat de held in deze fase nog herhaaldelijk in de val van de vijand trapt en weer een beroep moet doen op de hulp van de Mentor.
De held kan nu ontdekken dat er nog een lange weg te gaan is voor hij zijn doel heeft bereikt. Maar ook ontdekt hij in deze fase met welke bijzondere eigenschappen (talenten, instrumenten, vaardigheden, kennis) hij de gevaren de baas kan en moeilijkheden kan overwinnen, waar hij zich mee kan redden of indruk mee kan maken. Bedenk voor je held in dit stadium een talent waarmee hij kan uitblinken. Bijvoorbeeld moed, mooi zingen, snelheid, snel kunnen rekenen, veerkracht. Deze ‘sleutels’ zullen later nog beter van pas komen.
2. Nieuwe wetten en regels leren kennen
In de Nieuwe Wereld gelden andere wetten en regels. Niet alleen de held, maar ook het publiek moet deze regels leren kennen. Dit kan de spanning verhogen We weten wat de held moet doen en laten, aan welke regels hij moet voldoen, maar zal hij hier wel aan denken? Zal het hem lukken?
In de film The Devil Wears Prada heeft de hoofdpersoon Andy Sachs er moeite mee werk als journaliste te vinden en solliciteert ze (selectiedrempel) bij een modetijdschrift, waar ze tweede assistente wordt van de hoofdredactrice Miranda Priestly. Deze vrouw blijkt een ramp om voor te werken. Andy moet zich staande houden in een wereld die volkomen nieuw voor haar is en moet zich voegen naar de grillen van haar bazin.
De nieuwe, speciale wereld kent andere regels, andere waarden en normen, en de hoofdpersoon moet zich voegen naar de nieuwe situatie. Het is het moment dat de boot het ruime sop kiest, je van de vliegtuigtrap in een vreemd land afdaalt, de eerste stappen in een vreemde stad zet, bij het skydiven uit het vliegtuig springt of in de mallemolen van vervelende ziekenhuisonderzoeken terechtkomt. Het is bijvoorbeeld de allesbehalve makkelijke, maar ook hilarische reis die de familie Hunter in de oude Volkswagenbus maakt als ze vanuit New Mexico de zevenjarige Olive naar de miss verkiezing in Californië gaan brengen (Little Miss Sunshine).
3. Vrienden, vijanden en rivalen
In de Nieuwe Wereld leert de held nieuwe mensen kennen. Ook die moeten worden uitgetest. Zijn ze te vertrouwen? Zijn het misschien bondgenoten of handlangers van de vijand? James Bond ontmoet steevast een verleidelijke vrouw, van wie later blijkt dat zij regelrecht uit het vijandelijke kamp komt. Thelma en Louise ontmoeten een overvaller (Brad Pitt) die net uit de gevangenis komt. Ze denken dat ze hem kunnen vertrouwen, maar niet veel later berooft hij Louise van al haar spaargeld.
Andersom werkt het ook. In de film The Pianist (2002) vreest de Joodse pianist Szpilman voor zijn leven als hij in het gebombardeerde Warschau op een Duitse officier stuit, maar de officier Hosenfeld is geroerd door het pianospel en besluit hem te helpen. Hij verstopt Szpilman in een leegstaand huis en brengt hem voedsel.
In de Nieuwe Wereld worden vriendschappen gesloten en nieuwe relaties gelegd. De held ontmoet zijn sidekick. De oude man ontmoet een vriend, de heldin danst voor het eerst met haar geliefde; vertrouwelijkheden worden uitgewisseld en men leert elkaar kennen.
De vijand heeft vele gedaantes en kan de held op allerlei manieren overvallen en onaangenaam verrassen. In sommige verhalen doemt in dit stadium ook een rivaal op. Afhankelijk van waar de held zijn zinnen op heeft gezet, blijkt er plotseling iemand te zijn die hetzelfde nastreeft en ogenschijnlijk betere condities heeft. Het kan de ‘verloofde’ zijn van het meisje op wie de mannelijke held zijn zinnen heeft gezet of de kandidaat voor de zangcompetitie met veel kansen. De ontmoeting met een rivaal kan de vastbeslotenheid van je held aanwakkeren en tegelijk zijn ego weer wat temperen. Nederigheid wordt gevraagd.
4. Het zelfvertrouwen vergroten
Nadat de held de testen heeft doorstaan, begint het stralen en genieten. De held ervaart een gevoel van trots en zijn zelfvertrouwen en ego groeien. Het is alsof er al een glimp van de beloning wordt opgevangen: Kijk eens wat ik kan? Zo is Odysseus bijzonder trots op het feit dat hij met een houten paard de stad Troje heeft ingenomen. Maar deze trots komt hem duur te staan. De god Poseidon is zo beledigd dat hij Odysseus straft met nog tien jaar rampspoed op zee.
Blaas in deze fase je held dus op, maar laat ook alvast de valkuilen van zijn ego zien: Harry Potter blijkt een held en is onverschrokken maar luistert ook slecht naar zijn vrienden. Mozes mag dan de Israëlieten door de Rode Zee hebben geleid, hij wordt al snel te zeker en eist te snel zijn leiderschap op.
Als de held door de eerste tentamens heen is gerold, is hij trots en voelt hij zich een overwinnaar, maar hij moet wel beseffen dat dit hem is gelukt met de hulp van de Mentor, met een tijdelijk wapen of met een trucje of een list. Het trotse gevoel en de extase mag hij even voelen, maar hij mag zich niet verliezen in hoogmoed. Hij moet begrijpen dat hij zichzelf niet op de borst mag kloppen, want de echte zware beproevingen komen nog. In een later stadium van de reis zal er nog meer van hem gevraagd worden.
Dit was slechts de eerste stap, het begin van een lange en gevaarlijke weg van inwijdingen waarop steeds weer draken gedood moeten worden en onverwachte hindernissen moeten worden genomen.
5. Op krachten komen en mensen ontmoeten.
Vaak speelt zich deze fase van de reis af in bars, saloons en cafés. Dit zijn de plaatsen waar mensen samenkomen om iets te drinken, op krachten te komen (na het vermoeiende eerste stuk van de reis en het overschrijden van de lastige eerste drempel). Zo’n plek is tevens heel geschikt om de Nieuwe Wereld eens goed te observeren, de gewoontes van de streek in je op te nemen, informatie in te winnen, roddels op te vangen, vrienden te maken en de vijand te ontmoeten. In bars en cafés kan van alles gebeuren: flirten, gokken, optreden, eten, slapen, enzovoort. Een prima arena om vrienden en vijanden te introduceren, en tegelijk de held te confronteren met regels en wetten die er heersen. Andere mogelijke arena’s zijn hotellobby’s, vliegvelden, sauna’s, zwembaden en bijvoorbeeld kapsalons.
6. Nederigheid ontwikkelen
Maar de held heeft het nog niet goed door. De nieuwe regels hanteert hij niet op de juiste manier en de testen doorstaat hij niet. Zo doorziet Roodkapje niet dat het de wolf is die in grootmoeders bed ligt en de zeven kleine geitjes hebben het bij de derde keer ook niet door dat de wolf voor de deur staat en een trucje heeft bedacht om de suggestie te wekken dat hun moeder is teruggekeerd. De held is nog niet volwassen, wijs of slim genoeg om de trucjes van de vijand te doorzien, en hij of zji trapt erin. Dat moment vormt ook de overgang naar de werkelijke crisis. De wolf eet zowel Roodkapje als de zeven geitjes op.
Hoe nu verder? De held laat zich verleiden en belandt in een uiterst gevaarlijke situatie. Vraag je dus af welke nieuwe regels, wetten of geboden nodig zijn, en hoe eigenwijs, dom, arrogant, onnozel jouw held nog is.
Samenvatting
Stap 6, de Nieuwe Wereld is het wonderbaarlijke droomlandschap waarin de held vrienden maakt en vijanden tegenkomt, beproevingen moet doorstaan en de eerste overwinningen boekt. Maar dat droomlandschap kan veranderen in een nachtmerrie. De held of heldin leert welke talenten hij of zij het beste kan inzetten en met welke eigenschappen er afgerekend wordt. Zijn zelfvertrouwen wordt versterkt, maar ook wordt hij uitgedaagd tot nederigheid. De beproevingen zijn al behoorlijk heftig, maar we weten dat het nog erger kan. De Mentor is in deze fase nog op de achtergrond beschikbaar.
Dramatische actie in deze fase
Aangename en onaangename verrassingen ondergaan, onverwachte onthullingen meemaken, opluchting voelen, slim zijn, trots en extase ervaren, nieuwe mensen ontmoeten, verleid worden, verwonderen en verbazen, talenten uittesten.
Personages en archetypes die opgevoerd kunnen worden
Nieuwe vrienden, onverwachte vijanden, de rivaal, de eerste liefde, de diva, de overwinnaar, de opschepper, de kampioen.
Opdrachten en oefeningen
- Probeer voorbeelden uit je eigen leven op te halen die te maken hadden met het aankomen in een Nieuwe Wereld of een droomwereld. Wat heb je ervaren en wat deed je?
- Bepaal hoe wonderlijk, prettig of angstaanjagend de Nieuwe Wereld voor je held of heldin is. Laat je held bijvoorbeeld een brief, sms’je of mailtje schrijven aan het thuisfront over de eerste ervaringen en belevenissen in de Nieuwe Wereld.
- Met welke eigenschappen van je held moeten korte metten gemaakt worden? Wat moet hij of zij afleren? Hoe kun je dat bereiken?
- Heeft jouw held een bijzonder talent waar hij of zij indruk mee maakt? Kun je dat gebruiken in deze fase/
- Kan er een rivaal worden geïntroduceerd die de competitie aangaat? Van welke overwinning mag je held of heldin nu even genieten? Hoe wordt dat geuit?
- Welke nieuwe vrienden komen er op zijn pad? Zijn dit vijanden in disguise of echte vrienden?
- Kun je nog meer verrassingen of onverwachte ontmoetingen bedenken?;
Stap 7. De Inwijding
Fasten your seatbelts, it’s going to be a bumpy night – All about Eve
Uitgangssituatie
In de vorige fase is het zelfvertrouwen van onze held vergroot. Hij of zj heeft bijzondere talenten weten in te zetten en nieuwe vrienden gekregen. Maar de held is ook nederiger geworden door onverwachte en onaangename verrassingen waarmee hij is geconfronteerd.
De held is nu dus redelijk in balans: vol zelfvertrouwen, maar zonder die blinde vlekken of hoogmoed van voorheen, want daar is inmiddels mee afgerekend. Ook is de held zich inmiddels terdege bewust van het naderende gevaar. Zo vlak voor de poort van het vijandige kasteel is er geen weg meer terug. Het gevaar dreigt, maar gek genoeg is hij ertegen opgewassen.
Darmatische kern
IN de opbouw van een verhaal is het nu zo: onze held komt dichter en dichter bij het gevaar. Het is Theseus op het moment dat hij de Minotaurus bijna genaderd is, het is Jonas die in de buik van de walvis is beland, Roodkapje die het huisje van de grootmoeder binnenkomt, waar de wolf op haar ligt te wachten. De held nadert het hol van de leeuw, en voorzichtigheid, oplettendheid en details zijn nu belangrijk. Waar in de vorige fase de held zich heeft kunnen aanpassen aan de nieuwe wereld, dringen we nu tot het hart ervan door. Deze fase is ‘het naderen van de binnenste grot’, waar onze helden de grootste beproeving zullen doorstaan. Het is tijd voor de laatste voorbereidingen.
Dramatische functie.
De details op orde brengen. Vlak voor onze helden de arena betreden is er tijd om de plannen nog eenmaal door te spreken, de afluisterapparatuur te verbergen, de wapens op scherp te stellen. Het kan ee moment zijn dat de groep zich herformeert, versterkt of bewapent, of het kan zo zijn dat de held nu zijn medereizigers achter zich moet laten en alleen verder moet. Er kan nog een grap gemaakt worden, een aanmoediging worden uitgesproken of een laatste omhelzing plaatsvinden. Misschien moet onze held zich omkleden of vermommen voordat hij de stap waagt of zich ontdoen van ballast.
Urgentie voelbaar maken. Het gevoel van urgentie kan in deze fase heel sterk aanwezig zijn. De tijd dringt en het is een kwestie van leven en dood. De bom zal ontploffen als we niet op tijd binnen zijn, de prinses zal vermoord worden, het alarmsysteem zal in werking treden. Het komt nu aan op stiptheid, nauwkeurigheid en vastberadenheid. Waar de vorige fase even een moment van ontspanning liet zien, worden de touwtjes nu weer aangespannen.
Gewetensvragen stellen. Weet je het zeker. Ben je je bewust wat je op het spel zet. Deze vragen moet je je held stellen. Het is de innerlijke mentor die verschijnt en die de held de nodige gewetensvragen stelt en wijst op dienst verantwoordelijkheidsgevoel. Maar ook op technieken, plichten en voorschriften die nodig zijn bij wat er komen gaat.
Afrekenen met beperkt bewustzijn. Joseph Campbell heeft het over drie verschillende aspecten die in deze fase kunnen meespelen: ‘De Ontmoeting met de Godin’ , ‘Eenwording met de Vader’ en ‘De Vrouw als Verleidster’ Om werkelijk een volgende stap te nemen en zijn bewustzijn te ontwikkelen zal de held op een goed moment dát recht moeten aankijken wat hij liever niet ziet of wil erkennen. Alle ellende in de wereld komt voort uit onwetendheid. Daarom moet de hoofdpersoon in het verhaal zichzelf leren kennen en afrekenen met die aspecten in zichzelf die hem gevangen houden in een beperkt bewustzijn.
Je ziet dat de held in deze fase iets onder ogen moet zien dat hij liever niet wil zien, maar dat er al die tijd wel geweest is. ‘De hoofdpersoon ontdekt een glimp van de heerlijkheid’ schrijft Campbell. Waar hij aanvankelijk alleen het avontuur aanging, zich eenzaam, gefrustreerd, mismoedig, zoekend en onvolledig voelde, daar wordt nu een tipje van de sluier van de waarheid opgetild. De held ontmoet zijn tegengestelde: dat wat hij niet wil zien, of dat waar hij bang voor is. Hij ontdekt dat er tegendelen zijn, maar dat alles au fond een en hetzelfde is. Het monster (de angst) zit in hemzelf. Het is de waarheid, tijdloos en eeuwig aanwezig, de onvermoede kant in de held, waar hij bang voor is, waar hij niet aan wil, datgene wat hij in zichzelf ontkent. Het is het aspect dat in het duister verborgen is geweest, maar nu zichtbaar wordt. En nu wordt de held uitgedaagd deze tegenstelling in zich op te nemen en het recht aan te kijken, want anders wordt hij er door verzwolgen.
Onze mannelijke held staat bijvoorbeeld oog in oog met de mooiste vrouw, naakt of slapend, als symbool van de volmaakte schoonheid, de vleesgeworden belofte van heelheid en versmelting. Het is de ontmoeting met de godin: de vrouw als gids die de held begeleidt naar het meest duistere stuk in hemzelf. De vrouw bevraagt hem, daagt hem uit of verleidt hem: Durf je je over te geven? Is dit wat je wilt? Nu je A hebt gezegd moet je ook B zeggen. Ben je daartoe bereid? Durf je los te laten? Ben je klaar voor het werkelijke avontuur Ben je in staat lief te hebben zonder begeerte?
In As it is in Heaven fietsen Daniel en Lena naar een groot en uitgestrekt meer (water als symbool voor gevoel). Lena wil zwemmen. IN haar enthousiasme en vrijmoedigheid trekt ze haar kleren uit en wil het water in… Maar Daniel, oog in oog met de naakte godin, aarzelt. Hij wordt geconfronteerd met zijn grootste angst: de angst om zijn gevoel te tonen en zijn hart nu werkelijk te openen. Lena schrikt: ze bedekt zich met haar kleren en confronteert hem: ‘Ik heb al eerder een man gehad die zich niet wilde geven. Dat wil ik niet nog een keer.’ Ze wil het weten: durf je je werkelijk te committeren? Maar Daniel is nog niet zover. Daarvoor moet hij nog een paar lessen leren.
De vrouw vervult hier de rol van gids naar de centrale crisis van het verhaal en stelt haar eisen en voorwaarden. De ontmoeting met de godin is daarom de beproeving van de held om de gave van de liefde te veroveren.
In de tv serie The Sopranos vertolkt psychiater Jennifer Melli als joodse psychoanalytica de innerlijke mentor van Tony Soprano. Ze wijdt hem in in de geheimen van het leven en stelt hem voor de keuze: als je echt geholpen wilt worden zul je de weg naar binnen moeten gaan en je geweten onderzoeken. Het gebrek aan zelfkennis van Tony wordt in deze serie stap voor stap gethematiseerd. Het innerlijk van de held en alle stadia van zijn reis komen in deze spreekkamer aan het licht in de vorm van dromen en hallucinaties. Tony moet dat wat hij niet in zichzelf wil erkennen (zwakheid, angst leren aankijken en leren assimileren. En de vraag of dat lukt, maakt de serie spannend.
Eén worden met het monster. Wanneer onze hoofdpersoon in het avontuur een vrouw is, kan het zijn dat zij wordt gedwongen één te worden of te slapen met een monsterlijk aspect waar ze van gruwt. Ze moet naar bed met een monster (the Beauty and the Beast) of een kikker (de Kikkerkoning). De eenwording met het monsteraspect betekent ook een nieuwe stap in de volwassenwording van jonge meisjes. Er kan daardoor een nieuwe visie op de vader en daarmee op de wereld ontstaan. In de Griekse mythe wordt Psyche wanneer ze eenzaam hoog in de bergen vertoeft verleid door de god Eros. Ze bedrijven iedere nacht in het donker de liefde. De zusters van Psyche maken haar bang en zeggen haar dat het om een monster gaat. Ze raden haar aan een dolk onder haar bed te bewaren en een olielampje naast haar bed te zetten zodat ze kan zien wie het monster is en het kan doden. Als Eros in slaap gevallen is, kijkt Psyche met haar lampje wie er naast haar ligt. Ze schrikt zo van al die schoonheid dat ze olie morst. Omdat eros een god is, zit er niets anders op dan de sterfelijke Psyche weg te sturen. Maar Zeus krijgt medelijden en geeft Psyche de onsterfelijke godennectar waarmee ze voor eeuwig verenigd wordt met Eros in het paradijs.
Overgangsrituelen creëren. In primitieve culturen worden jongemannen op de drempel van volwassenheid volgens bepaalde rituelen ingewijd. De jongen verlaat het rijk van de moeder en komt vanaf dit moment in de invloedssfeer van de vader. De vader helpt de jongen bij de inwijding en daarmee bij zijn overgang naar de volwassen wereld. En zo gaat ook de eerste huwelijksnacht van jonge vrouwen in veel culturen nog steeds met rituelen, gezang en dans gepaard. Dit zijn allemaal momenten van inwijding, waarop afscheid wordt genomen van de onvolwassen staat van de hoofdpersoon. In de film American Beauty zit een scene waarin de hoofdpersoon, Lester Burnham de gelegenheid krijgt om te vrijen met een schoolvriendin van zijn dochter, Angela, die openlijk met hem flirt> maar als Angela vertelt dat het haar eerste keer is, stopt Lester. Hij neemt op dat moment afstand van zijn eigen onvolwassen begeerte. Het meisje is hem dankbaar en dan is Lester even volmaakt gelukkig. Hij is over zijn eigen schaduw heen gestapt en ervaart de schoonheid van het leven op een ander en meer wezenlijk niveau. Zijn bewustzijn heeft zich uitgebreid en hij voelt zich verlicht. Een ware apotheose vlak voordat hij wordt vermoord.
Je verplaatsen in de vijand. De vijand kan in jezelf zitten (innerlijke draak) maar ook daarbuiten (de vijand). Je held moet dit monster, deze vijand zien te doorgronden. Hij moet hem de baas blijven. Maar hoe doet hij dat het best. Daarvoor is het belangrijk iets te begrijpen van de beweegredenen van de vijand. Wat bezielt hem? Het kan helpen je held letterlijk of figuurlijk in de huid van de vijand te laten kruipen of undercover te laten gaan, om niet op te vallen en tevens te begrijpen wat de tegenstanders beweegt en ongemerkt deel van hen te kunnen uitmaken. Laat je held dus het gevaar opzoeken en het vijandelijke kamp in gaan. Laat hem praten met zijn opponenten zodat hij het gevaar volledig doorgrondt. In films over het verzet tijdens de Tweede Wereldoorlog zie je vaak spionnen in Duits uniform in het vijandelijke kamp infiltreren.
Samenvatting
Stap 7 van het avontuur noemen we de Inwijding, omdat het gaat om de laatste voorbereidingen voor de grote beproeving. Zijn alle zaken op orde? Maar vooral ook: kent de held of de heldin zichzelf voldoende? Diens angsten en zwakheden worden hier blootgelegd, en er wordt nu volledige toewijding gevraagd.
Dramatische actie in deze fase
Gespiegeld worden, oog voor details hebben, pure schoonheid ontmoeten, inwijding ondergaan, de zaakjes ordenen, gewetensvragen stellen, infiltreren, je vermommen.
Personages en archetypes die opgevoerd kunnen worden
De innerlijke mentor, de tegenpool, het monster, de boekhouder, de psychiater, de vijand, de godin, de coach, de moedergodin, de tovenares, de helderziende.
Opdrachten en oefeningen
- Onderzoek je eigen leven: heb je zelf wel eens een soort van inwijding meegemaakt? Beschrijf de kenmerken en de effecten
- Beschrijf welke voorbereidingen er door je held moeten worden getroffen om het naderende gevaar aan te kunnen
- Bepaal of er zaken zijn die je als held liever niet wil zien of erkennen, is er iemand die hem hierop wijst
- Bedenk een innerlijke mentor voor de held in je verhaal. Wat spiegelt hij of zij de held voor? In welk opzicht is dat iets wat jouw hoofdpersoon niet wil zien?
- Ga na of je held volledig gecommitteerd is en bereid om alles te geven. Wat durft je held nog niet aan? Welk zetje heeft hij nog nodig?
- Ga na hoe je in je verhaal voelbaar kunt maken dat het gevaar nadert. Zijn er specifieke details waar de held nu op moet gaan letten?
STAP 8 DE CRISIS
Uitgangssituatie
Waar in de vorige fase onze held nog in control en redelijk in balans was, wordt hem nu het initiatief uit handen geslagen. Het is een fase die laat zien dat alles anders is dan gedacht of vermoed.
Dramatische kern
De Crisis, ook wel ‘de Omslag’of de ‘Beproeving’ genoemd is de fase waarin het noodlot toeslaat en de wereld van de held instort, of waarin hij letterlijk of figuurlijk door de hel moet. De held verliest de macht over het stuur. De vijandelijke troepen hebben zich slim verzameld en vallen aan. Dit is de ultieme beproeving, de hoofdcrisis. De Crisis appelleert aan de meest wezenlijke drijfveer van de hoofdpersoon en vormt de sleutel tot diens magische kracht en werkelijke inzicht. De Crisis zal voor de held tegelijk de kans van zijn leven zijn.
Een verhaal zonder crisis is als een lichaam zonder kloppend hart. Het woord ‘crisis’ komt uit het Grieks en betekent ‘scheiding’. Een crisis is een gebeurtenis die het verhaal in tweeën deelt: na de crisis zal niets meer hetzelfde zijn.
Verhalenvertellers hebben het vaak over de lastige tweede akte. Dat komt doordat ze van het ene obstakel naar het andere voorthobbelen zonder een centrale crisis te construeren waaraan het verhaal opgehangen kan worden. Een verhaal wordt doelloos, monotoon of spanningsloos als er niet zo’n crisis in zit. Zelfs in een flauwe komedie of in een soapaflevering moet een hoofdcrisis zitten: een situatie waarin de held oog in oog staat met zijn grootste angst en afscheid moet nemen van zijn oude zelf. In een goed verteld verhaal zit in het begin al de aanzet tot deze catastrofe. Er zijn fouten gemaakt, dat kan zelfs al heel lang geleden zijn. In de Deense speelfilm Festen van Tomas Vinterberg uit 1998 heeft de vader zijn kinderen misbruikt en dat leidt uiteindelijk tot de centrale crisis in dit verhaal.
Het verhaal over Oedipus begint al bij de voorspelling van het orakel (Oedipus zal zijn vader vermoorden en met zijn moeder trouwen). De ouders van Oedipus proberen het lot slimmer af te zijn en geven een dienaar de opdracht het kind te doden. Door omstandigheden blijft Oedipus echter leven en voltrekt het lot zich zoals is voorspeld. De centrale crisis is het moment dat Oedipus dit alles ontdekt. Wanneer de held uit alle macht probeert het lot te ontlopen, leidt dat in veel verhalen rechtstreeks tot de catastrofe.
Vaak wordt de Crisis dus veroorzaakt door het eigen handelen van de hoofdpersonages, maar soms zie je ook de de held plotseling een speelbal wordt van het lot.
Dramatische funties
- Ingewijd worden in onmacht
De Crisis is de fase in het verhaal waarin de hoofdpersoon zich afvraagt in wat voor film hij of zij in vredesnaam is beland. Het betreft een omslag in het verhaal die het effect heeft van een persoonlijke aardbeving die de held letterlijk of figuurlijk naar de onderwereld sleurt.
In de film Festen breekt de pleuris uit wanneer de zoon op de zestigste verjaardag van zijn vader publiekelijk onthult dat zijn vader hem en zijn zus in hun jeugd herhaaldelijk heeft misbruikt. Met zijn ‘speech’ laat hij een bom ontploffen op wat een feestelijke familiebijeenkomst had moeten zijn. Na deze verpletterende mededeling is niets meer zoals het was.
2. Geconfronteerd worden met de dood
In dit stadium van de reis staat de held oog in oog met de dood. Dat kan een letterlijke of figuurlijke dood zijn. Ieder mens kent dit soort momenten. Je doet een ontluisterende ontdekking, verliest een geliefde, krijgt ontslag of gaat failliet. Het is de dood die op de stoep staat. Tijdens de Reis van de Held is de Crisis een tweede, maar vooral fundamentelere oproep. Waar de Oproep tot Avontuur in het begin de hoofdpersoon opriep in actie te komen, is dit een oproep om de reis door de onderwereld, door de duisternis te maken en stil te zijn. Om te ontdekken waar het in wezen om gaat. Het gaat in veel gevallen om de dood van het ego en het afscheid van een te beperkte visie op het leven.
De hoofdpersoon kan op verschillende manieren geconfronteerd worden met de dood. Misschien lijkt het of hijzelf doodgaat of daar bang voor is De vijand slaat toe en verwondt hem. Het kan ook zijn dat de held getuige is van de dood van een ander; denk bijvoorbeeld aan het plotselinge verlies van een geliefde. In deze fase zie je soms dat de Mentor sterft. In In de Ban van de Ring vecht Gandalf voor zijn leven op het moment dat Frodo Mordor binnengaat, en in Old Shatterhand van Karl May sterft Winnetou in deel 12 van de dertien delen.
3. De mentor sterft
De hoofdpersoon moet nu op eigen kracht verder. De mentor sterft of neemt afscheid. Een andere mogelijke confrontatie kan zijn dat de held zelf de dood veroorzaakt. In de Griekse mythe over Theseus en de Minotaurus is de held de dood te slim af. Met behulp van de draad van Ariadne (symbool voor liefde en vertrouwen) is Theseus in staat het monster te verslaan en de vloek daarmee op te heffen.
Sprookjes laten in deze fase vaak een gevecht met reuzen, heksen en wolven zien. Die staan symbool voor de tirannieke schaduwkant waar de hoofdpersoon zichzelf of de gemeenschap moet zien te bevrijden. Wanneer David de reus Goliath verslaat overwint hij een tirannieke structuur in zichzelf die hem belet te groeien.
4. Een gruwelijke ontdekking doen
De Crisis kan direct volgen op of zelfs min of meer samenvallen met de vorige stap uit het avontuur: de Inwijding. De held nadert het hol van de leeuw en doet plotseling een gruwelijke ontdekking, waardoor zijn wereldbeeld ineens op zijn kop komt te staan. De omstandigheden zijn helemaal niet zo mooi, simpel en vanzelfsprekend als hij dacht. Hamlet komt tot de afschuwelijke ontdekking dat zijn moeder een verleidster en een moordenares is. De moederfiguur die vertrouwen en liefde zou moeten betekenen, staat voor dood en verderf. Dat interne beeld van de moeder moet worden bijgesteld. Hamlets moeder, Gertrude, heeft samen met haar nieuwe man, zijn oom, Hamlets vader vermoord. Hamlet moet erkennen dat zijn ideeën over hoe het leven zou moeten zijn niet overeenkomen met de werkelijkheid. Het resultaat is dat Hamlet uiteindelijk sadder and wiser is geworden. Oedipus komt erachter dat de vrouw die hij getrouwd heeft zijn eigen moeder is. Zijn wereldbeeld kantelt en hij steekt zichzelf de ogen uit om in zichzelf in de diepste duisternis naar werkelijk ‘in-zicht’ op zoek te gaan.
De weerzin die zo’n gruwelijke ontdekking teweegbrengt, schudt de held voor de tweede keer tijdens de reis wakker. De eerste keer was bij stap 2, de Oproep tot Avontuur, die hem aanspoorde in beweging te komen. Deze stap schudt hem wederom wakker, maar op een wezenlijker niveau. Daarom wordt de fase van de Crisis ook wel de Poort naar de Hel genoemd, omdat de held de confrontatie moet aangaan met de overweldigende krachten van de diepste duisternis waarin het aankomt op ware innerlijke kracht. Anders dan bij stap 2., wordt nu geen actie van hem gevraagd, maar eerder bezinning.
5. Afscheid nemen van het oude ik
Het geheim van de Crisis is dat de held (of zijn wereldbeeld( eerst moet sterven om opnieuw geboren te worden. Dat is de grootste beproeving. En het maakt niet uit of dat nu een fysieke, mentale of emotionele dood is. Dit dramatische moment is nu precies waar het publiek op gewacht heeft: de held die oog in oog staat met de dood. Hij wordt geconfronteerd met het einde van een relatie, de mislukking van een onderneming, de dood van zijn oude persoonlijkheid. Vraag je daarom af wat in het leven van je held het ergste is wat hem kan overkomen. Wat moet er sterven?
Samenvatting
In stap 8, de Crisis, slaat het noodlot onverwacht toe en wordt de hoofdpersoon ingewijd in de onmacht, omdat het initiatief hem uit handen wordt geslagen De omstandigheden zijn bijzonder ongunstig en de held moet de confrontatie aangaan met interne of externe duistere krachten. Daarmee verliest hij de controle, bepaalde zekerheden, het leven of een geliefde. Deze fase is een keerpunt. Hierna is niets meer zoals het hiervoor was.
Dramatische actie in deze fase
Het initiatief verliezen, onverwachte moeilijkheden dienen zich aan, gruwelijke ontdekkingen doen, de dood voor ogen zien, rampspoed en tegenslag ondergaan.
Personages en archetypes die opgevoerd kunnen worden
De personificatie van het noodlot, de absolute schurk, de wraakzuchtige god, de woeste natuur, de grillige natuur, de kwaadaardige tegenstander, de dood.
Opdrachten en oefeningen
- Ga na welke plotselinge omslagpunten en beproevingen je zelf kent uit je eigen leven en dat van je naasten. Probeer te beschrijven wat deze keerpunten uiteindelijk hebben opgeleverd.
- Kun je benoemen wat het moment van het grootste verdriet is voor je held of heldin
- Bepaal wat de hoofdcrisis in je verhaal is. Van welke beperkte inzichten moet afscheid worden genomen? Wie heeft daar het meeste moeite mee?
- Bepaal in hoeverre de opponent of de vijand een donker of onbekend aspect van de held vertegenwoordigt? Staat de vijand symbool voor iets wat de held in zichzelf moet verslaan? Is de vijand een externe of een interne demon?
- Beschrijf hoe je hoofdpersoon oog in oog met de dood reageert. Wat staat er op het spel?
STAP 9 DE DOLK
Wreed wil ik zijn, niet monsterlijk. Ik wil haar dolken laten horen, en niet voelen. – William Shakespeare, Hamlet
Uitgangssituatie
De vorige stap in het verhaal heeft een diepe crisis veroorzaakt. De held heeft oog in oog gestaan met de dood en zijn diepste angst onder ogen gezien Niets is meer zoals het was. De ramp heeft zich voltrokken en de consequenties dringen nu door.
Dramatische kern
Dit is de fase van het ontluisterende inzicht of het akelige besef. De keiharde waarheid moet nu doordringen. En dat is een pijnlijke, maar tegelijkertijd inzichtgevende aangelegenheid. De fase wordt de Dolk genoemd omdat de dolk kan verwijzen naar zowel de fysieke dolk waarmee de schat wordt veroverd, naar de metaforische dolk in de rug op het moment van verraad of ontmaskering, maar vooral ook naar het scherpe inzicht, de eyeopener op basis waarvan onze held nu een keuze maakt. De held moet door de hel en moet een symbolische dood sterven en pas dan kan hij een echte beslissing nemen Hij komt tot inzicht en realiseert zich welke leugens of onwaarschijnlijkheden hem tot nu toe gevangen hebben gehouden en hem angst hebben ingeboezemd.
Dat vereist scherpte en diepte. Hij moet de kern doordringen. Vandaar de Dolk. Hij verwerft een belangrijk inzicht en maakt op basis daarvan een keuze. Daarmee neemt het verhaal een definitieve wending.
Dramatische functies
- Stil zijn en luisteren
Nadat de ramp heeft plaatsgevonden, zit er niets anders op dan even stil te zijn. Het stof daalt neer. Wat is er gebeurd? Hoe nu verder? Wie zijn er dood en wie leven er nog?
Geef je held tijdens deze stap de tijd om stil te staan bij de feiten, om naar zichzelf en zijn hartslag te luisteren, om op adem te komen en te beseffen wat er gebeurd is. Na een verpletterende mededeling is niemand in staat direct weer in actie komen. Even pas op de plaats maken dus.
2. Tot inzicht komen
Wanneer de gruwelijke waarheid over zijn levenslot tot Oedipus is doorgedrongen vervloekt hij zichzelf en steekt zich de ogen uit. Hiermee verliest hij zijn gezichtsvermogen, maar verwerft hij een diep inzicht.
Na de ramp moet het inzicht volgen. En dat inzicht kan pijnlijk zijn, maar ook waardevol.
Deze fase van de reis kent daarom verschillende benamingen. De Beloning. Het Uiteindelijke Geschenk. Tijdens deze fase verovert de held de schat, die hij in stap 12 mee naar huis neemt. Die schat kan een fysieke schat zijn, maar ook de schat van inzicht betekenen, en dan betreft het een figuurlijke schat, ook wel het Elixer genoemd. Dit diepe inzicht in zichzelf komt tot stand door de confrontatie uit de vorige fase. En deze confrontatie doet pijn en snijdt als een mes door de ziel, omdat het een scherpe zelfanalyse betreft of de held laat zien in welke leugens hij geloofd heeft.
In de film The Truman Show doorboort Jim Carrey nadat hij de zwaarste beproeving op een woeste zee heeft doorstaan met de punt van zijn zeilboot het studiodoek. Dit moment onthult hem tenslotte hoe het complot eigenlijk in elkaar zit en waarom hij geworden is wie hij is. Hij realiseert zich in welke leugen hij heeft rondgelopen. Wat hij al die tijd heeft aangenomen als waarheid blijkt fake te zijn. Hij is nog meer gevangen dan hij al dacht.
De dolkfase is de fase van het ‘realiseren’ (waarna meestal een vlucht of een escape volgt. In de film Basic Instinct van Paul Verhoeven realiseert het publiek zich in de slotscene dat Sharon Stone toch de moordenares moet zijn als de camera onder haar bed een ijspriem laat zien. (de film eindigt hier en heeft daarom de kenmerken van een moderne film noir. Deze films eindigen op het hevigste moment van verraad of geweld).
In de film Million Dollar Baby realiseert Frankie (Clint Eastwood) zich dat het leven voor zijn bokspupil Maggie geen zin meer heeft nu ze in een keihard gevecht haar rug gebroken heeft. Frankie besluit Maggie te helpen en geeft haar een dodelijke injectie.
3. Een pijnlijke keuze maken
In de film The Godfather kiest Al Pacino na de moord op zijn broer uiteindelijk toch voor de maffia om zijn familie te redden. Het is een beslissing waarmee hij zijn eigen huwelijk offert Hij realiseert zich dat het zijn bestemming is om gangster te zijn. Pijnlijk en keihard maar voor de voortgang van het verhaal noodzakelijk.
Een typische dolk scene volgt op het moment dat Hamlet zeker weet dat zijn moeder en zijn oom zijn vader hebben vermoord. Er volgt een messcherpe confrontatie tussen Hamlet en zijn moeder ‘U zult pas gaan wanneer u in mijn spiegel uw ware, diepste wezen hebt gezien’. Zijn moeder wordt bang en roept om hulp, en dan beweegt Polonius achter het gordijn. Hamlet stoot met zijn degen in het gordijn en vermoordt Polonius daarmee. Hamlet maakt daarmee voor het eerst zelf vuile handen.
De dolkfase in het verhaal is daarom altijd scherp, confronterend en onomkeerbaar. De held moet impopulaire maatregelen nemen of wordt daar zelf mee geconfronteerd. Dit alles is het directe gevolg van de vorige stap, de Crisis. Er moét nu een keuze gemaakt worden, iets moet letterlijk of figuurlijk worden weggesneden of er moet afscheid van genomen worden.
4. De schat veroveren
Wordt ook wel ‘het zwaard trekken’ genoemd, omdat het in sommige verhalen een moment is waarop de held op agressieve wijze bezit neemt van datgene waar hij naar op zoek was: de ring, de graal, de schat, de prinses, een roos, een kroonjuweel of het elixer. Maar soms moet hiervoor wel bloed vloeien en moet het zwaard getrokken worden. Zo moet Perseus Medusa doden en Sint Joris de Draak. De prins uit het sprookje van Doornroosje moet zich door de doornhaag heen werken om de betovering te doorbreken. Het zwaard staat daarom symbool voor focus, wilskracht, gehardheid, scherpte en diepte. Dus kan het ook een pistool, een mes, een pijl of een dodelijke injectie zijn.
Campbell noemt de stap waarin de dolk gehanteerd wordt of het zwaard getrokken ook ‘het stelen van het Elixer of het Vuur’. Het Elixer is het medicijn waarmee de held de gemeenschap zal verrijken of genezen, waarmee hij onsterfelijkheid probeert te verwerven en waarmee hij in stap 12 terug naar huis zal keren. Dit Elixer kan letterlijk een medicijn betreffen, maar meestal is het iets overdrachtelijks en gaat het om het vermogen de fysieke dood te overwinnen of universele kennis te verwerven. Met de dolk of het zwaard wordt deze schat toegeëigend.
In oude volksverhalen, mythen en sprookjes zie je vaak het motief van het stiekem toe-eigenen waarmee de held of heldin inzicht verwerft in het geheim van het leven. Eva neemt een hap van de appel van de boom der kennis, Prometheus steelt vuur van de goden en Gilgamesj trekt erop uit om de waterkers van de onsterfelijkheid te bemachtigen. In deze fase slaagt de held erin zich de schat toe te eigenen, maar moet deze dan nog wel mee naar huis nemen.
5. De laatste illusies doorprikken
Voor de held in het verhaal is dus nu het uur van de waarheid aangebroken. Een oud idee, een gedachte, een illusie of een oude zekerheid kan nu worden doorgeprikt. Het kan ook een ontmaskering betreffen. Het masker of het wapen waarmee de held het tot nu toe gered heeft, wordt ontvreemd of vernietigd. De magische kracht is opeens verdwenen. Vrienden of geliefden die de held steunden keren zich nu van hem af. Hij staat er alleen voor.
Ga daarom eens na in welke beperkende gedachte jouw held gevangen zat en tot welk inzicht hij moet komen om echt inzicht te verwerven. Laat hem de waarheid nu recht aankijken en zijn oorspronkelijke motieven grondig analyseren. De kansen liggen nu voor het oprapen ook al vergen die veel van de held.
Samenvatting
Stap 9, de Dolk is de fase van het ‘realiseren’ en tot inzicht komen. Dit gaat met de nodige pijn gepaard, omdat tegelijkertijd oude banden worden doorgesneden, zekerheden en illusies worden doorgeprikt. Dit inzicht is het logische gevolg van de crisis en tegelijkertijd de beloning voor het doorstaan van die crisis. De held begrijpt nu welke leugens hem gevangen hebben gehouden. Er wordt van hem scherpe analyse, helder inzicht en vastberadenheid geëist om knopen door te hakken. Tegelijkertijd verwerft hij daarmee de grootste schat, namelijk de schat van inzicht in hoe de wetten van leven en dood werken. Door de keuze die hij maakt, neemt het verhaal een definitieve wending.
Dramatische actie in deze fase
Helderheid scheppen, de waarheid ontdekken, de confrontatie aangaan, scherpzinnig zijn, tot de kern doordringen, illusies doorbreken, vastberadenheid tonen, agressief zijn, de lucht klaren, vuile handen maken, knopen doorhakken, ontmaskeren.
Personages en archetypes die opgevoerd kunnen worden
De verrader, de bevrijder, de ontrouwe geliefde, de chirurg, de saneerder, de journalist met de scherpe pen, de analyticus, de gewonde geliefde, de dode geliefde, de blinde held, de moordenaar.
Opdrachten en oefeningen
- Bedenk voorwerpen en manieren die in jouw verhaal de scherpte en de diepte kunnen bewerkstelligen. Denk aan een pen, een mes, een zwaard, een operatie, een glasscherf
- Bedenk wat de held in je verhaal zich ten diepste moet realiseren en welke beloning daarop volgt
- Bepaal welke banden er moeten worden doorgesneden en welke illusies moeten worden doorgeprikt
- Welke messcherpe confrontatie is nodig? Zijn er mensen die uit het leven van de held moeten worden weggesneden?
- Onderzoek of je held vuile handen moet treffen om op koers te blijven
- Bepaal wat de schat is die je held heeft gevonden. Is dat een fysieke schat of een metaforische? Is dat misschien een geliefde?
STAP 10 DE TERUGKEER
Go for it! uit: Thelma & Louise
Introductie
In Thelma & Louise van Ridley Scott realiseren de vriendinnen zich dat ze omsingeld zijn door de complete politiemacht van LA. De vijand heeft zich gegroepeerd, angstaanjagend en krachtiger dan ooit tevoren. Op dat moment kijken ze elkaar aan en herinneren elkaar eraan waar het nu ook al weer om te doen was: Go for It…. En dan sturen ze de auto van het klif af. Beter dood en vrij dan gevangen?
Uitgangsituatie
Tijdens de vorige stap heeft de held in de diepste duisternis een schat van inzicht veroverd, zich ten diepste iets gerealiseerd, de situatie geanalyseerd, vuile handen gemaakt, of heeft hij met verraad en bedrog te maken gehad.
Dramatische kern
Nu volgt de fase waarin de held een uitweg moet vinden uit de duisternis. Hij moet zijn verworven schat – of dat nu een geliefde of een inzicht is – gaan delen met de wereld waaruit hij vertrokken is. De held herinnert zich waar het avontuur om begonnen was, krijgt een visioen of herinnert zich de lessen van de mentor. Er is weer licht aan het einde van de tunnel.
Dramatische functies
- Vlucht of achtervolging
In veel actiefilms volgt nu de beroemde achtervolgingsscene: met de vijand op de hielen rennen voor je leven. Het is het herwinnen van de focus na alle verwarring. Doelgerichte actie volgt. Groepen hergroeperen zich. In romantische komedies zie je hier de hoofdpersoon zich haasten om de verloren gewaande geliefde die al op de trein wacht, of op de vliegtuigtrap staat, alsnog de liefde verklaren.
In The Lord of the Rings ziet de elfenprinses Arwen tijdens haar vlucht naar een oord waar ze onsterfelijk kan blijven een licht op haar afkomen Ze krijgt een visioen van de zoon die ze met haar geliefde zou kunnen krijgen als ze niet vlucht. Ze spoort haar paard aan om terug te keren, om te leven, lief te hebben en uiteindelijk te sterven.
De vlucht is een terugkerend en herkenbaar motief in veel verhalen. Campbell beschrijft de zogenoemde ‘magische vlucht’ waarbij magische voorwerpen worden achtergelaten om de achtervolger op te houden en te misleiden.
Een beroemd voorbeeld is de Griekse mythe van Jason en het Gouden Vlies, waarin Jason en Medea uiteindelijk op een boot vluchten voor de wraak van Medea’s vader. Medea offert haar broer Apsyrtos op. Ze laat hem in stukken snijden en werpt die overboord, waardoor haar vader genoodzaakt is zijn zoon eerst fatsoenlijk te begraven. Jason en Medea weten hierdoor te ontsnappen. Het ‘overboordgooien’ staat symbool voor het offeren van mogelijke zaken van waarde.
2. Het verhaal nieuwe richting en tempo geven
Het verhaal verandert in deze fase letterlijk en figuurlijk van richting en tempo. Er volgt een versnelling en actie. Na alle verwarring, verstilling, pijn en chaos, wordt hier de boel weer in beweging gezet. Het geluk keert zich, de vijand ontsnapt en de harde realiteit dient zich nu aan.
Bij de achtervolgingen of vluchten die plaatsvinden is transformatie een terugkerend motief. In oude mythen en sprookjes zie je voorwerpen veranderen, of mensen die in bomen of dieren veranderen om de achtervolgers te misleiden. In moderne films zijn dat vermommingen of bewuste gedragsaanpassingen, maar het kan ook gaan om innerlijke vormen van transformatie. Om innerlijke demonen of verslavingen de baas te zijn moet de held nu zijn gedrag veranderen. Hij heeft weer een helder doel voor ogen.
In de film ‘Notting Hill’ realiseert William (Hugh Grant) zich uiteindelijk dankzij zijn vrienden dat hij een grote fout heeft begaan door Anna Scott (Julia Roberts) zomaar weg te laten lopen uit zijn leven. In een auto scheuren ze door London op zoek naar Anna, en ze vinden haar net op tijd bij een persconferentie. William weet haar op de valreep te overtuigen van zijn liefde.
In As It Is in Heaven wordt Daniel op een goed moment door de dominee ontslagen als koorleider, omdat hij in diens ogen in toenemende mate een bedreiging voor de status quo begint te vormen. Wanneer het koor dit verneemt komen de leden eensgezind naar zijn huis marcheren, vastbesloten hem niet te laten gaan.
3. Twijfel voelbaar maken
De held kan in deze fase evenwel weer een moment van innerlijk verzet of weerstand ervaren. Nu hij tot de zaak is doorgedrongen en zijn queeste en zijn queeste bijna tot een goed einde heeft gebracht beseft hij dat hij terug naar huis moet zijn schat. Hij zal de gemeenschap waar hij in het begin uit vertrokken is moeten verrijken met het levensbrengend elixer. Die opgave is niet altijd fijn of makkelijk. De terugreis kan nog lang en moeilijk zijn en daarom ervaart de held soms weerstand tegen de terugreis. Of hij twijfelt. Waarom kan hij hier niet blijven? Dit is vergelijkbaar met het gevoel dat we kennen als van een fijne vakantie naar huis terug moeten om het leven van alledag weer te aanvaarden.
Het verblijf in de ‘speciale wereld’ kan gelukzalige en ongekende gevoelens teweeg hebben gebracht. De held heeft zich losgemaakt van de gewone wereld, en soms heeft hij zijn geliefde gevonden. Waarom zou hij weer naar die oude wereld terug moeten keren? Zelfs de boeddha twijfelde of hij zijn verlichte inzichten wel kon overdragen aan de gewone mensen.
Onze held heeft daarom soms hulp van buitenaf nodig bij zijn vlucht. Dat kan zijn omdat hij er eigenlijk nog niet aan toe is. Soms wordt hij daarom met zachte hand meegetroond, of lukt het hem door een handig redmiddel uit de handen van de achtervolger te blijven. Het kan een toevallige auto zijn die met draaiende motor klaarstaat, een trein waarvan de deuren net op tijd dichtgaan of een fiets die net op dat moment voorhanden is.
4. Focus herwinnen
De Terugkeer kan worden veroorzaakt door een intern besef of door een externe kracht. De interne trigger kan zijn dat de hoofdpersoon ineens het licht ziet, zich realiseert hoeveel de ander voo rhem betekent of hoe belangrijk het is om weer naar huis te gaan.
Als het een groep betreft, kan het een peptalk zijn van een leraar, een ouder, een regisseur of een baas. Het is de stap van het herpakken, je doel weer voor ogen stellen en focussen. Een externe trigger kan zijn dat er een alarm afgaat, de tijd dringt of dat de vijand zich meldt.
Soms wordt de held pas echt gemotiveerd om in beweging te komen als de vijandige krachten die hij dacht verslagen te hebben dreigen opnieuw een aanval voor te bereiden. De held moet ervaren dat de vijand (de schaduw), wanneer die nog niet volledig is uitgeschakeld, sterker terug kan komen.
Het kan hierbij ook gaan om innerlijke vijanden, zoals neuroses, verslavingen of andere valkuilen. De held dacht ze de baas te zijn, maar dan ineens steken ze de kop weer op. Zorg ervoor dat je held dan geconcentreerd en gefocust blijft op wat hij zich had voorgenomen.
5. Moment van vergelding. Die kan vele vormen aannemen. Als je een draak hebt verslagen en je dacht dat je hem gedood had, kan het zijn dat de draak zich heeft hersteld of dat er nog een grotere sterkere draak aanwezig was die je eerder over het hoofd had gezien> de vijand zint op wraak en heeft zich bewapend en versterkt. Hij komt het elixer terug stelen of de bevrijde prinses kidnappen. De held moet nu rennen voor zijn leven of nog even zijn uiterste best doen om de vijand de fatale klap uit te delen. Hannibal Lector in de film The Silence of the Lambs weet op dit moment van het verhaal te ontsnappen en zet de zaken daarmee op scherp.
Samenvatting
In stap 10, de Terugkeer herwint de held focus. Als de held tot de kern van de zaak is doorgedrongen en zijn queeste tot een goed einde heeft gebracht, moet hij weer terug naar huis met zijn schat. Hij moet de gemeenschap verrijken met het levensbrengende elixer. Daarvoor moet hij ontsnappen of vluchten uit de speciale wereld, en hij krijgt daarbij soms onverwachte en mysterieuze hulp van buitenaf. Als de vijand hem niet op de hielen zit, kan het zijn dat die zich weer heeft opgericht voor een finale aanval. Deze fase brengt versnelling, actie en doelgerichtheid in het verhaal teweeg.
Dramatische actie in deze fase
Snelle actie ondernemen, haast hebben, achtervolgen of achtervolgd worden, vluchten, een peptalk houden, doelgericht handelen, vergelden.
Personages en archetypes die opgevoerd kunnen worden
De oude vriend, de onverwachte redder, de helper, de visionair, de leider, de herrezen of wraakzuchtige vijand.
Opdrachten en oefeningen
- Bepaal of je held of heldin intern of extern wordt aangemoedigd tot gefocuste actie? Betreft het een vlucht of een achtervolging
- Hoe kan je ervoor zorgen dat je held zijn focus herwint?
- Bepaal wat de Terugkeer is in jouw verhaal. Gaan we terug naar waar we vandaan komen of is er een nieuwe bestemming?
- Bepaal wat je held heeft geleerd of gewonnen. Wat moet hij nu veilig stellen? Stel vast of je held zich heldhaftige voelt.
- Bepaal welke vijanden op de loer liggen. Wordt er een aanval voorbereid in het vijandelijke kamp? Zijn dit innerlijke vijanden of fysieke?
- Wat is het doel van jouw verhaal? Waar ging het ook al weer om?
- Zoek naar manieren om versnelling of verandering van richting aan te brengen in je verhaal.
STAP 11 DOOD EN WEDEROPSTANDING
Neo, I’m not afraid anymore… Trinity in The Matrix
Uitgangssituatie
De held is in de vorige stap aangespoord tot gefocuste actie. Hij heeft haast gekregen en het verhaal is weer in de versnelling gekomen. Nu komt het erop aan de held te testen of hij de les echt heeft geleerd.
Darmatische kern
De stap die nu aan de orde is heet Dood en Wederopstanding, en toont het dubbeltje op zijn kant. Deze fase in het verhaal bepaalt of dat waar we als lezer of kijker benieuwd naar zijn geworden, ook echt gaat lukken. Zal het de geliefden lukken elkaar op tijd te vinden? Zal het onze held lukken voor zijn zaak te gaan staan? Komt hij op tijd thuis met zijn medicijn? Of het nu goed of slecht afloopt, de vraag is of de held bereid is een offer te brengen voor de goede zaak of het hogere doel. Hij ondergaat zijn finale test. De held in het verhaal moet daarom tijdens deze voorlaatste stap in het avontuur zijn doodsangst overwinnen of zijn rug rechten.
In de film North by Northwest van Alfred Hitchcock proberen Thornhill (Cary Grant) en Eve (Eva Marie Saint) boven op Mount Rushmore te ontsnappen aan de vijand. Eve glijdt uit, Thornhill grijpt haar hand; ze hangen aan de rotsen en op dat moment komt de vijand weer in beeld. De spanning wordt opgevoerd: zal het de held lukken veilig thuis te komen en de schat veilig te stellen? Even lijkt alle hoop vervlogen. Eén misstap en alles is voor niets geweest. het komt nu aan op echte moed en volharding.
Dramatische functies
Finale test ondergaan
Deze stap vraagt aan de held ‘ben je werkelijk in staat je diepste angst te overwinnen, aan de wereld uit te leggen waar jij voor staat en te laten zien wat je geleerd hebt? Door angsten te overwinnen ontwikkelen we moed en zelfvertrouwen. We leren onszelf ten diepste kennen.
De (bijna) doodervaring van deze fase bestaat uit het offer dat de held brengt voor de wereld of voor zijn ideaal. Misschien gaat de held zelf dood en offert hij daarmee zijn leven voor het hogere doel. Soms overleeft hij (wederopstanding) en wordt er uit deze situatie een nieuwe situatie geboren.
In de film The Matrix wordt Neo getraind in de kracht van gedachten. De film laat zien dat pas op het moment dat Neo zijn angst werkelijk heeft overwonnen, hij in staat is de Matrix als illusionaire wereld te doorzien. De kogels die dan op hem worden afgevuurd weigert hij als echt te accepteren en ze vallen daardoor voor hem neer op de grond. Hiermee doorstaat hij de finale test. Als hij nu nog een spoor van twijfel had gehad, hadden de kogels hem doorzeefd.
De rug rechten
Aan het einde van de film The Truman Show, nadat Truman de meeste beproevingen heeft doorstaan vindt hij de uitgang uit de studio. Het is slechts een kwestie van de deur opendoen en vertrekken. Maar dan meldt de grote regisseur (Ed Harris) zich. Hij spreekt tot hem via een onzichtbare speaker. Hij vraagt hem of hij echt weg wil. Of hij niet liever wil blijven in zijn vertrouwde, veilige omgeving. Truman luistert, lacht, recht zijn rug en neemt de stap naar buiten. Dat is waar het hem om te doen was.
Offeren
De laatste stap in een goed verhaal vertelt wat de essentie ook al weer was en of de gekozen richting of het doel juist was. Daarvoor moet de held de laatste stap nemen, zichzelf bij elkaar rapen, moed verzamelen en eventueel bereid zijn een offer te brengen, of het nu het oude vertrouwde leventje, zijn hang naar erkenning of zijn eigen leven is wat hij moet opofferen.
Wat is een echte held? Hier komen we weer bij het begin van het seminar uit. Een echte (dramatische) held is bereid de waarheid recht aan te kijken, zichzelf eventueel weg te cijferen en zich dienstbaar op te stellen voor een hoger doel. En het is afhankelijk van het verhaal wat dat hogere doel is: de liefde, de vrijheid, de wetenschap of een ideaal. Jezus stierf aan het kruis voor de mensheid, prins Siddharta in de film Little Buddha is bestand tegen de aanvallen van een demonenleger dat vlammende pijlen op hem afvuurt, en doorziet de illusie.
In Dancer in the Dark van Lars von Trier zien we aan het einde van de film hoe Selma (Björk) voorbereid wordt op haar ophanging. Er wordt een touw om haar nek gelegd. Ze moet boven een luik gaan staan. En dan begint ze te zingen. Een hartverscheurend lied, waarmee ze zichzelf krachtig en moedig maakt. Oog in oog met de dood is ze nu bereid haar leven te geven.
Hamlet zegt aan het einde van het stuk, wanneer hij erachter komt hoe het verraad zijn werk heeft gedaan, tegen zijn vriend Horatio: ‘Ik ben dood Horatio, jij leeft. Leg wat ik was, waarvoor ik stond, aan hen die nog niet weten uit.’
Bij het offeren kan het ook om iets kleiners en alledaagsers gaan. Wanneer je opstaat tegen onrecht, of wanneer je voor een ander opkomt tegen de heersende opvattingen in, kan het zijn dat er om je gelachen wordt. Je offert daarmee het algemeen geaccepteerd zijn op.
Om overtuigingen of idealen zijn mensen in de wereldgeschiedenis met grote regelmaat gemarteld en mishandeld. Wat is de kracht die deze mensen voet bij stuk liet houden? Dat is de kracht die in deze fase van de heldenreis aan de orde is. Het gaat om de innerlijke kracht waarmee je zelfs in de meest beroerde omstandigheden meester kunt blijven over je eigen gedrag en ruggegraat kunt tonen.
De les is geleerd
De finale aanval kan ook een emotionele of morele zijn. Neuroses, valkuilen, slechte gewoontes of verslavingen die we dachten overwonnen te hebben, steken in het verhaal heftig de kop op om een laatste klap uit te delen. Ze verleiden, smeken en maken de held zwak. Gaan we voor de bijl of niet? Kunnen we hiermee thuiskomen? Hebben we onze les nu echt geleerd of niet? Dat zijn de vragen die deze fase oproept. De held is op weg naar huis, maar op de drempel kan hij nog een misstap maken of struikelen. Of toch gaan twijfelen of bezwijken voor de verleiding.
De held moet bewijzen dat hij de les begrepen heeft en dat hij het vanaf nu anders aanpakt. Dat is de kern van deze stap. Pas als je held echt kan laten zien welke les hij geleerd heeft, mag hij thuiskomen.
Kinderen tonen ons hun kunsten op het gebied van sport, dans of andere vaardigheden als ze nieuwe lessen hebben geleerd. We nemen van verre reizen souvenirs voor het thuisfront mee om te laten zien waar we geweest zijn en hoe bijzonder het was. Dus wat voor fysieke tastbare bewijzen kun je bedenken? Waarmee kan jouw held bewijzen dat hij zijn les geleerd heeft? Wat kan hij nu wel, dat hij voorheen niet kon of durfde?
Transformatie
De belangrijkste functie van deze fase is te laten zien dat de held werkelijk veranderd is. Zijn oude zelf moet echt het loodje leggen en zijn nieuwe zelf moet verleidingen, zwaktes kunnen weerstaan en angsten ten diepte overwonnen hebben. Dit moet zichtbaar zijn en in een daadwerkelijke handeling getoond worden. Het is het ‘eindexamen’ voor de held waarin hij kan laten zien wat hij nu werkelijk geleerd heeft. Daarbij kan hij zich eenzaam voelen en onbegrepen of geridiculiseerd. Maar als hij volhoudt staat hier de echte held op: de rebel, de revolutionair , de echte vernieuwer. En daar hebben we een diep ontzag voor.
Laat je held in deze fase iets doen waaruit blijkt dat hij echt een ander mens geworden is, dat hij zijn oude, bange, beperkte ik heeft afgelegd.
Tragische eindes.
Niet alle helden slagen voor hun eindexamen. In sommige verhalen legt de held hier het loodje en blijkt niet sterk genoeg te zijn of de verleidingen niet te kunnen weerstaan. Een zwakke held of heldin pleegt dan bijvoorbeeld zelfmoord. In de film The Hours naar het boek van Michael Cunningham, blijkt Virginia Woolf niet opgewassen tegen haar depressies en stemmingen Ze verzwaart haar kleding met stenen en loopt de rivier in. Tolstoj laat zijn personage Anna Karenina eveneens zelfmoord plegen.
Het terugvallen in oud gedrag kan in dit stadium getoond worden. We hebben de kans gekregen ons ware en nieuwe zelf te tonen, maar als we die kans niet pakken, vallen we terug en zullen we de hele reis opnieuw moeten maken, telkens opnieuw. Tony Soprano lijkt na zeven seizoenen, ondanks zijn voortdurende gewetensonderzoek, toch niet echt iets geleerd te hebben. Hij heeft zijn angsten niet overwonnen en we vermoeden dat zijn onvermogen tot zelfkennis zich tot in de oneindigheid zal blijven herhalen.
In het genre ‘melodrama’ zien we vaak dat de hoofdpersoon na het avontuur toch weer kiest voor de oude status quo. Hij of zij gaat over tot de orde van de dag. In The Bridges of Madison County van Clint Eastwood, kiest het hoofdpersonage Francesca (Meryl Streep) na haar gepassioneerde kortstondige relatie met een fotograaf (Clint Eastwood) uiteindelijk weer voor haar gezin. Uit het dagboek dat ze nalaat blijkt evenwel dat de romance haar kijk op het leven voorgoed heeft veranderd.
Zo kennen we uit ons eigen leven ook situaties die we aan zouden moeten gaan, maar waarbij we kiezen voor de makkelijke weg. Uit gemakzucht of omdat een klein stemmetje vanbinnen zegt: doe nou maar gewoon wat er van je verwacht wordt. De tijd voor grootse daden komt nog wel.
Aristoteles beschrijft in zijn Poëtica het fenomeen ‘catharsis’ als de loutering van de ziel. Bij het aanschouwen de tragedie ervaren wij een fysieke, emotionele, religieuze en mentale reiniging. Door het beleven van eleos en phobos (beklag en angst) hebben wij ten diepste ervaren wat de consequenties zijn van bepaald handelen. De fase van Dood en Wederopstanding kunnen we hieraan relateren. Als de held de dood (al of niet metaforisch) overwint en voor zijn zaak gaat staan, zijn we blij met dit heldhaftige voorbeeld; maar als de held zwak is of ten ondergaat, kunnen we deze angst invoelen en wordt gedrag voor ons inzichtelijk en begrijpelijk. We leren ervan en zullen daardoor zelf de zaken net zo of juist anders aanpakken.
Samenvatting
Stap 1 noemen we Dood en Wederopstanding. We zien dat de held hier de finale test ondergaat. Het is het uur van de waarheid. De tegenstander heeft wellicht nog een laatste aanval of test in petto. De held weerstaat deze aanval of doorstaat de test, waarmee hij laat zien dat hij zijn les geleerd heeft en bereid is desnoods een offer te brengen, ook al is dat zijn eigen leven. Hij laat zien dat hij bereid is zijn angsten of begeerten te laten varen ten dienste van een hoger principe, ook al moet hij zelf zijn leven hiervoor geven.
Dramatische actie in deze fase
Staan voor je zaak, de rug rechten, vechten voor je principes, opstaan, sterven, offeren, angst laten varen, begeerte opgeven. Of bij tragische eindes: toegeven of zwak zijn.
Personages en archetypes die opgevoerd kunnen worden
De martelaar, de dode held, de bedreigde geliefde, de getuige, de jury, de redder in de nood, de nieuwe geborene, de verzwakte vijand, de stervende held.
Opdrachten en oefeningen
- Verzamel momenten uit je eigen leven of werk of uit het leven van je naasten waarin je angst opzij gezet werd om bepaalde principes duidelijk te maken.
- Zoek naar voorbeelden waarin het overwinnen van angst tot bijzondere ervaringen heeft geleid
- Bepaal wat het dubbeltje op zijn kant is in je verhaal
- Welke misstap kun je voor je hoofdpersoon verzinnen? Op welk punt is je held letterlijk of figuurlijk zwak?
- Bedenk diverse aanvallen op de integriteit van je held. In hoeverre moet je held de rug rechten? Is dit een lastige opgave?
- Bedenk een handeling waaruit blijkt dat je hoofdpersoon zijn lessen daadwerkelijk geleerd heeft.
- Onderzoek of je held werkelijk bereid is offers te brengen voor de goede zaak. En welke offers zijn dat?
- Om welke principes gaat het in je verhaal eigenlijk? En in hoeverre staan die nu op het spel?
- Als je hoofdpersoon uiteindelijk toch zwak is, wat leren wij dan van zijn vrijwillige of onvrijwillige terugval of dood? Is er dan wellicht toch een inzicht veranderd?
STAP 12 HET ELIXER
UItgangssituatie
Dat wat de held aan het begin van het verhaal nog niet kon, is hem nu gelukt. Hij heeft zijn finale test gehad, zijn doodsangst moeten overwinnen of zijn rug moeten rechten. In sommige gevallen heeft hij zijn leven gegeven. Hij heeft laten zien wat hij waard is.
Dramatische kern
In de laatste stap van de reis keert de held (of zijn nagedachtenis) terug naar huis met het elixer. Om iets te ervaren van de grootsheid waartoe wij als mensen in staat zijn, hebben we behoefte aan verhalen over uitzonderlijke moed, volharding en offers. We leren ervan en ze bieden ons troost. In ieder goed verteld verhaal zit een elixer, ook al loopt het slecht af met de held of heeft het verhaal een open einde. Het elixer kan een echt geneesmiddel zijn waar de gemeenschap mee kan worden verrijkt, maar het geneesmiddel kan ook metaforisch zijn: een inzicht of een ervaring, die symbool staat voor de transformatie van de held en de genezende invloed die dat op zijn omgeving heeft. Wat heeft hij geleerd? Van welke beperkende inzichten heeft hij zich ontdaan? En hoe krijgt dat gestalte?
Het Elixer staat voor de bereidheid te delen, elkaar iets te schenken (beker) en vruchtbaarheid. Het is zowel de afronding van een oude cyclus als het begin van een nieuwe. De beker waarin het elixer zich bevindt, staat van oudsher symbool voor het lichaam waarin de essentie van de mens zich bevindt. De essentie (bloed, ziel) is het levenselixer. Uit mythen en legenden kennen we de graal beker waarin het bloed van Jezus werd opgevangen toen er met een lans in zijn zij werd gestoken. Bij de oude Kelten stond de beker, ook wel uitgebeeld als heksenketel of kookpot, symbool voor de baarmoeder en dus voor vruchtbaarheid. De queeste van de Heilige Graal, vooral bekend door de verhalen over koning Arthur en de held Parcival gaat psychologisch gezien over de zoektocht naar die essentie. In sommige verhalen verschijnt de Heilige Graal in dromen en visioenen als wondermiddel om zieken te genezen en een lang leven te schenken aan degenen die hem hebben aanschouwd.
Dramatische functies
Transformatie van de held zichtbaar maken
De transformatie die de held heeft ondergaan kan allerlei vormen hebben. Hij heeft zijn angst definitief overwonnen, zijn hart geopend, zijn egoïsme laten varen, is dienstbaar geworden aan een groter geheel, is volwassen geworden, van een ziekte genezen, heeft een verslaving overwonnen, of zijn zelfvertrouwen vergroot. Hij heeft zijn geliefde gevonden, is herenigd met zijn familie. Maar ook heeft hij zich met zijn lot verzoend of zich verenigd met zijn tegenpool. En dat kan vorm krijgen in een kus, een huwelijk, een medicijn, een beker, een ring, een feest of een nieuw verworven vaardigheid. En soms berusting.
Dat wat de held aan het begin nog niet kon, of waar het nu precies aan ontbrak bij de start van het verhaal, dat lukt nu wel. Zo zie je Daniel aan het einde van de film As It Is in Heaven moeiteloos door het drukke stadsverkeer fietsen, iets wat hij aanvankelijk nog moest leren. Het fietsen staat symbool voor het herstellen van zijn innerlijke balans.
Vruchtbaarheid en hereniging
Veel sprookjes, verhalen en bijna alle romantische komedies eindigen met een huwelijk of een zoen. Behalve simpelweg een happy end is het huwelijk ook een beeld voor de eenwording en de heelheid waar de held naar op zoek was. Het perfecte evenwicht tussen het vrouwelijke en het mannelijke, tussen zwart en wit, yin en yang. De tegenstellingen hebben zich opgelost, het gevoel van incompleet-zijn of afgescheiden-zijn bestaat niet meer. Het huwelijk is een nieuw begin en staat net als een zwangerschap symbool voor de oogst die de cyclus heeft opgeleverd: het nieuwe leven ligt opgerold te wachten. De lessen zijn geleerd en we zijn klaar voor een nieuwe ronde.
Ontknoping
De term ‘ontknoping’ verwijst naar het moment dat alles ingelost en opgelost is. Alle losse eindjes komen bij elkaar of worden ontward. Alle vragen die gedurende het verhaal zijn opgeworpen moeten nu beantwoord worden. Besef daarom dat je met deze stap in het verhaal de cirkel weer rond maakt. Grijp terug naar het probleem van het begin, zodat duidelijk wordt dat het is opgelost. Wat was dat ook alweer voor dilemma? De held mag nu weer op adem komen en uitrusten. Dat houdt in dat ook subplots tot een einde gebracht moeten worden. Een ontmoeting halverwege of een verhaallijntje, terloops geïntroduceerde minder belangrijke personages: alles moet worden afgerond. Ieder personage verdient zijn eigen elixer.
Deze laatste stap in je verhaal moet bevredigend zijn of juist provoceren, en daarom kun je als schrijver spelen met een plotselinge onthulling een ontdekking of een misleiding. Gebruik bijvoorbeeld grappige coïncidenties of tragische inzichten die het hele verhaal in een ander daglicht stellen.
Open of gesloten einde
Hoewel een gesloten einde, al of niet gelukkig misschien wel de oervorm is van alle ronde verhalen is die wij elkaar in de Westerse traditie vertellen, is een open einde van een verhaal soms meer intrigerend, meer realistisch en meer in overeenstemming met hoe we het echte leven ervaren. Bij een gesloten verhaalstructuur zijn we terug bij waar het ooit begon, maar wel op een ander bewustzijns niveau en met een rijkere ervaring. In onze westerse beschaving houden we van deze cyclische vorm. Ook in muziekcomposities zien we dit terug. De cirkel is rond en dat vinden we prettig; de vragen zijn beantwoord.
Maar niet alle verhalenvertellers hanteren de gesloten verhaalstructuur. Niet iedereen heeft zin om alles in te lossen en te beantwoorden., misschien wel vanuit het besef dat niet overal een antwoord op te vinden is, of dat er meerdere antwoorden mogelijk zijn. De wereld is immers niet perfect en eenduidig. De Europese verteltraditie laat in vergelijking met vooral de Amerikaanse Hollywood-traditie veel meer de zwarte, incomplete kant zien van het menselijk bestaan.
Door een open einde kunnen we nog wat vragen open laten of het publiek en de lezer tot denken aanzetten. Het verhaal gaat verder, alleen weten we niet hoe.
Een bescheiden gloriemoment tonen
De held heeft getoond de dood niet te vrezen en nu is hij vrij om terug te keren in de moederschoot, in de warmte van de gemeenschap van waaruit hij vertrokken is. Hij wordt met open armen ontvangen of op de schouders genomen. Maar duidelijk is dat hij het hier niet meer van hoeft te hebben. Hij is nederiger en bescheiden geworden. Het verhaal heeft zijn werk gedaan.
In de film Dead Poets Society speelt Robin Williams de docent Keating op een traditionele en ouderwetse universiteit. Hij daagt zijn leerlingen uit vrijdenkers te worden en hanteert nieuwe lesmethodes. Een van zijn leerlingen pleegt zelfmoord en Keatings lesmethode wordt verantwoordelijk geacht. Keating wordt ontslagen. Maar de meerderheid van de klas gaat uit protest op de tafel staan als Keating zijn spullen uit het lokaal ophaalt. De klas laat hem en de directeur zien dat hij hun held is. Keating glimlacht en vertrekt. Nu kunnen ze het verder zelf af.
Epiloog
Een verhaal kan beginnen met een proloog die weer opgepakt wordt in de slotfase. Een epiloog kan het verhaal afronden, op een hoger plan tillen of uiteenzetten hoe het verder gaat met de personages. Soms volgt er een epiloog die het verhaal jaren na afloop van het verhaal nog even oppakt. Het kind is inmiddels geboren, het bedrijf groeide uit tot een succesvolle onderneming, de volgende generatie vindt een koffer met liefdesbrieven, of de kinderen vervallen in dezelfde fouten als hun ouders. De epiloog kan helpen de moraal of de les van het verhaal duidelijk te maken. Na afloop kunnen we verzuchten : Het leven kan zomaar afgelopen zijn… Of: Het leven gaat door, of : Boontje komt om zijn loontje.
Het slotbeeld opgeroepen in het verhaal kan nogmaals het centrale thema van het verhaal in herinnering brengen. De epiloog is daarmee tegelijk ook weer een nieuwe proloog.
Een goed verteld verhaal roept achteraf reacties op en geeft gespreksstof. De lezer wil de boodschap begrijpen, het verhaal duiden en er voor zichzelf een les uit trekken. En de een heeft een heel andere film gezien of een heel ander boek gelezen dan de ander. Dat toont maar weer eens aan dat er geen eenduidige waarheid of werkelijkheid bestaat en dat alles bestaat bij de gratie van hoe we ernaar kijken, met welk perspectief. Het is altijd leuk om de felle discussies te volgen van mensen die net uit de bioscoop komen of een nieuwe roman hebben gelezen. ‘Nee, je snapt het niet, daar ging het helemaal niet om!’, of : Dat hij doodgaat vind ik nu juist het allermooiste aan de film!’ Op zich alweer genoeg stof om een verhaal te vertellen. Ieder einde is immers het begin van iets nieuws.
Zo eindigt de heldenreis en in die adempauze ligt het volgende verhaal alweer te wachten. Het borrelt al onder de oppervlakte.
Samenvatting
In stap 12, het Elixer, worden alle vragen beantwoord. De held keert terug naar huis en verrijkt de gemeenschap met zijn oogst en zijn inzichten. En ook als hij gestorven is, wordt ten diepste ervaren wat er veranderd is en welke lessen er geleerd zijn. Ook zijn er compassie en dankbaarheid voor het offer dat de held gebracht heeft.
Dramatische actie in deze fase
Op adem komen, verenigd worden, opluchting ervaren, oogsten, troosten, feesten, emotioneel bevrijd worden, overwinnen, dankbaarheid en vreugde delen, compassie voelen, huilen van geluk, genieten, de moraal snappen.
Personages en archetypes die opgevoerd kunnen worden
Het thuisfront, de geliefde, de huwelijkspartner, vertegenwoordigers van de nieuwe orde, de genezen koning.
Opdrachten en oefeningen
- Verzamel oogstmomenten uit je eigen leven. Van welke oogst droom je wel eens en welk gevoel levert dat op?
- Bedenk wat het Elixer in jouw verhaal is. Welke lessen zijn er geleerd?Tot welke inzichten komt de lezer of kijker na afloop?
- Bepaal of het probleem of dilemma, opgeroepen in stap 2 van je verhaal, nu is opgelost.
- Ga na of je verhaal de moeite waard is om verteld te worden? Welke lessen zijn er geleerd? Wat is de boodschap?
- Zijn er zij lijntjes of subplots die nog moeten worden afgerond?
- Heb je nog een verrassing in petto in deze laatste fase? Kan er een onverwachte onthulling plaatsvinden? Of een grappige ontdekking gedaan worden?
- Bij welke personages vloeien nu tranen van opluchting?
- Wat zijn voorbeelden van Elixermomenten uit jouw eigen levensverhaal?