
“Even later ging Alice erachteraan, zonder zich ook maar een ogenblik af te vragen hoe ze er in hemelsnaam weer uit zou moeten komen” – Lewis Carroll, Alice in Wonderland
Het Dromer Archetype is de impuls die het begin vormt van elk avontuur. Het archetype wordt gekenmerkt door een grote onbevangenheid, hoop, openheid, optimisme en opwinding aan iets nieuws te beginnen. En dat is maar goed ook. De Dromer weet nog niet wat er gaat komen, dus moet het wel vertrouwen hebben. Maar bij iedere stap die het zet wordt de Dromer wijzer en minder naiëf. Dat is in het kort wat het archetype van de Dromer ons leert.
Doel: een veilig gevoel behouden, in het Paradijs blijven
Grootste angst: verlaten worden
Reactie op problemen: ontkenning of hulp zoeken
Opgave: moed ontwikkelen, volwassen worden en onderscheidingsvermogen ontwikkelen.
La Vita e Bella is de titel van een Italiaanse tragikomedie uit 1997, geregisseerd door Roberto Benigni, die ook de hoofdrol speelt. Hij speelt de rol van Guido Orefice, een vrolijke, vitale Joodse man die verliefd wordt op Dora en haar principessa noemt. Guido droomt ervan een boekwinkel te openen maar begint als kelner in het Grand Hotel van zijn oom Eliseo. Als hij moet werken tijdens de bruiloft van Dora, die zich met tegenzin verlooft met een fascist, verleidt hij haar en neemt hij haar mee.

Enkele jaren later is Guido met Dora getrouwd en hebben ze een zoontje. Ze leven tevreden samen. Guido heeft inmiddels een winkeltje en ze trekken zich vooralsnog niet veel aan van het opkomende antisemitisme.
Op de dag dat hun zoontje Giosué jarig is en Dora haar moeder heeft opgehaald voor de verjaardagsvisite, treffen ze een leeg huis . Guido en Giosué zijn samen met Guido’s oom opgepakt door de Duitsers om afgevoerd te worden naar een concentratiekamp. De katholieke Dora wil haar gezin niet in de steek laten en beslist mee te gaan.
Eenmaal in het concentratiekamp probeert Guido Giosué te beschermen door de verschrikkelijke waarheid achter te houden. Hij doet alsof het kamp eigenlijk het decor van een moeilijk spel is. Als Giosué zich goed aan alle regels houdt, zal hij punten krijgen en een echte tank winnen. Guido doet er alles aan om de schijn op te houden om het verblijf in het kamp zo aangenaam mogelijk te maken. Zo vertelt hij Giosué dat de kampbewaarders gemeen zijn, omdat ze de tank voor zichzelf willen houden en dat alle kinderen zich moeten verstoppen om het spel te winnen.
De film eindigt met de nachtelijke chaos rondom de bevrijding van het kamp door de Amerikanen. Guido beveelt Giosué zich te verstoppen totdat iedereen is vertrokken en zegt dat het de laatste test is om de tank te bemachtigen. Guido gaat intussen op zoek naar zijn vrouw Dora maar wordt daarbij ontdekt en door de Duitsers doodgeschoten. Giosué die niet beseft wat zich de nacht ervoor heeft afgespeeld is door het dolle heen de volgende ochtend wanneer een tank van de Amerikanen binnenrijdt en is ervan overtuigd dat hij die gewonnen heeft. Zittend boven op de tank, ziet hij zijn moeder weer en wordt met haar verenigd.
Het verhaal van La Vita e Bella illustreert op indrukwekkende wijze wat het archetype van de Dromer inhoudt. Het onschuldige kwetsbare kind heeft vertrouwen in het leven, vertrouwt blindelings op de beschermende ouder, treedt de wereld nog onbevangen tegemoet en staat open. Het vertrouwt op de ouder, die er op zijn beurt alles aan doet om dat vertrouwen in stand te houden en het kind te behoeden voor pijn, lijden en verlies.
Als het een beetje meezit, kent iedereen deze staat van pure onschuld. In dat geval zijn er liefdevolle ouders geweest die bescherming boden en de regels van het spel uitlegden. Ouders die stimulans boden en van hun kinderen houden zoals ze zijn. Dat is belangrijk, want het onschuldige kind neemt voetstoots aan wat ouders hem vertellen. Als het kind te horen krijgt dat het lelijk of dom is of dat hij beter zijn mond kan houden neemt hij dat klakkeloos aan. En ook als de prille jeugd niet zo harmonieus verloopt, dan nog huist dat onschuldige kind ergens diep in de menselijke psyche, kunnen we er zo nodig contact mee maken en stelt het een mens in staat uit te groeien tot een evenwichtige, positieve volwassene.

Het Dromer Archetype wil graag in het paradijs blijven .En als hij uit het paradijs verdreven wordt, wil hij daar zo snel mogelijk naar terugkeren. Guido probeert uit alle macht zijn zoontje te behoeden voor de val uit het paradijs. Die zou het einde van de onschuld en de onbevangenheid betekenen en het begin van pijn, verlies en dood. Dat probeert de vader te voorkomen, of althans zo lang mogelijk uit te stellen. En dat is precies de plotlijn die zich aandient als je een verhaal vertelt vanuit het perspectief van de Dromer.
De val uit het paradijs
In bijna alle culturen bestaan er mythen en verhalen over de val uit het paradijs. In de christelijke cultuur kennen we het verhaal van Adam en Eva die uit het paradijs worden verdreven nadat Eva ondanks de waarschuwingen – van de appel van de boom der kennis heeft gegeten. Eva is volgens het Bijbelboek Genesis te nieuwsgierig.
De moraal van dit verhaal is: wanneer je eigenzinnig wordt, vragen stelt en na gaat denken, word je uit de gelukzalige staat van het niet-weten verdreven. Je onbevangenheid is daarmee verdwenen. In een aantal oude scheppingsmythen wordt verteld over een paradijselijke staat waarin de mens zo compleet en heel is dat de goden het maar bedreigend vonden en daarom de mens in tweeën splitsten. Van androgyn werd de mens man en vrouw en sindsdien doen mensen tijdens hun hele leven op aarde hun best hun tegendeel terug te vinden en weer ‘heel’ te worden.
Bijna in alle scheppingsmythen was de wereld in het begin mooi en veilig. Tot er op een dag iets gebeurde. De mens wilde meer weten, ging op zoek en vanaf dat moment ging het mis. Mislukking, verlies en pijn en het terugverlangen naar de oorspronkelijke harmonie horen klaarblijkelijk bij het mens-zijn. De zoektocht naar het verloren gegane paradijs zet ons gedurende het hele leven in beweging.
De meeste verhalen, sprookjes en mythen gaan over de pogingen tot heelwording; en dat komt allemaal voort uit het oerverlangen naar geluk, naar het verloren paradijs. De film Forrest Gump (1985) gaat over een hoofdpersoon met een laag IQ die een simpel en optimistische wereldbeeld blijft behouden. Hij is getuige van heel wat ellende in zijn eigen leven en in de wereld om hem heen, zoals de Vietnamoorlog, maar omdat hij kijkt door de ogen van de onschuldige, onbevangen Dromer, blijft hij optimistisch en wordt hij een voorbeeld voor velen.
Beroemd is het witte veertje waarmee de film opent en waar die ook mee eindigt als Forrest het veertje dat hij tussen de bladzijden van zijn boek had gestopt ineens weer ziet. Het veertje valt uit zijn boek, de wind pakt het op, en weg vliegt het veertje, hoog in de lucht. Zo licht is het perspectief van de simpele ziel.
Ook in La vita e bella probeert de vader het kind ervan te doordringen dat de wereld veilig is en te vertrouwen. Een wereld van onschuld, spel en optimisme. De wereld van de Dromer is daarom vaak een simpele wereld. Er is goed en er is kwaad. Je mag dan een fout gemaakt hebben en straf krijgen, je weet dat het toch loont om vertrouwen te hebben. Uiteindelijk komt het vast weer goed en krijg je wat je beloofd is.
Weg idylle.
In veel verhalen, sprookjes en mythen wordt de oorspronkelijke paradijselijke staat helemaal niet genoemd. We leren onze hoofdpersoon kennen op een moment dat hij de heelheid al verlaten heeft. Hij of zij wordt bijvoorbeeld opgevoed door anderen dan zijn biologische ouders en moet op zoek naar zijn echte ouders, zijn thuisland. Ook dat is een bekend patroon: veel kinderen groeien op in een gezin met de gedachte dat ze anders zijn dan de anderen, en zoeken vervolgens naar hun echte familie, naar hun ware zelf en hun eigen soort.
Veel problemen komen voort uit de ervaring dat we op de verkeerde plek zijn beland. Ook liefdesgeschiedenissen volgen deze verhaallijn. Twee mensen worden verliefd, en even lijkt het alsof ze in het paradijs wonen, maar dan gebeurt er iets waardoor ze inzien dat de geliefde niet de perfecte geliefde is, en zelfs heel gewoon menselijk, of in een ander geval sterft de geliefde of wordt uitgehuwelijkt aan een ander. Net zoals ouders niet aan het beeld van de ideale moeder of de ideale vader kunnen voldoen, kan ook een geliefde niet voldoen aan het ideaalbeeld van de ware liefde. Of de relatie in stand blijft of niet, de meeste geliefden moeten inzien dat het op termijn minder utopisch en paradijselijk wordt dan in het begin. Dus ook hier vallen we weer uit het paradijs, uit de idylle
Ongehoorzaamheid
Soms is de val uit het paradijs het gevolg van ongehoorzaamheid. Denk maar aan Roodkapje, die zich niet aan de afspraak houdt om op de paadjes te blijven, of aan Eva, die ondanks Gods waarschuwing toch een appel eet van de boom van goed en kwaad. De ongehoorzaamheid zorgt voor het conflict en zet het verhaal in beweging. Aan het einde van het verhaal blijkt vaak dat de hoofdpersoon veranderd is en wijzer is geworden. Groeien doet vaak pijn.
Valkuilen voor de Dromer
Omdat de Dromer graag in het paradijs wil blijven, kan hij ook vasthouden aan een blind optimisme en naïviteit, en zelfs weigeren te groeien. Ontdekking van de feiten en onrealistisch gedrag zijn het gevolg. De Dromer ontkent. De innerlijke draken worden diep weggestopt. De Dromer blijft tegen beter weten in vertrouwen en de wereld vrolijk tegemoet treden, maar wel afhankelijk van anderen. Dit belet om te groeien.
Als voorbeeld kunnen we Oskar nemen uit Die Blechtrommel (1959) van Günter Grass. Oskar is de jongste zoon van een Kasjoebisch gezin in een landelijk gebied van de Vrije Stad Danzig, rond 1925. Voor zijn derde verjaardag — de tijd dat Duitsland afglijdt naar het nazisme – krijgt hij een mooie nieuwe blikken trommel. Hij besluit om niet meer te groeien en niet te worden zoals de ellendige volwassenen die hij om zich heen ziet. Wanneer de wereld rondom hem te grof of te wreed wordt, begint hij op zijn trommel te slaan en wanneer iemand probeert hem zijn trommel af te nemen, slaakt hij een oorverdovende gil die ruiten en glazen doet breken. De Tweede Wereldoorlog staat voor de deur en de kleine Oskar blijft wild op zijn trom slaan.
Pas op het einde van de oorlog, en wanneer zijn laatste familielid gedood wordt, besluit hij als eenentwintigjarige weer te gaan groeien. Hij neemt zijn verantwoordelijkheid en wordt volwassen. Wanneer de schaduwzijde van de Dromer dominant is wordt er geen verantwoordelijkheid genomen. De persoon blijft zich als een kind gedragen en weigert volwassen te worden.
De levensreis zit vol paradoxen. Natuurlijk moeten we de innerlijke onbevangen Dromer in onszelf geruststellen en nooit afscheid nemen van dromen, verlangens, vertrouwen en optimisme. Aan de andere kant moeten we juist ook realistisch zijn en weten dat we onze onschuld moeten offeren om te kunnen groeien.
In verhalen komt de Dromer ook vaak terug als maagd of knaap, als symbool van puurheid en onschuld. Neem bijvoorbeeld Sneeuwwitje. De stiefmoeder speelt een belangrijke rol en zet het verhaal in beweging. Sneeuwwitje wordt in het bos achtergelaten en achtereenvolgens worden nieuwe archetypes wakker: de Realist, de Strijder, de Zorgdrager, de Geliefde en uiteindelijk de Leider.
Net als Sneeuwwitje moet je als verhalenverteller van jouw eigen verhaal je personage soms het bos in sturen en confronteren met problemen: anders vindt er geen groei en ontwikkeling plaats. Alleen op die manier kan de Dromer groeien en kunnen archetypes als de Ontdekker, de Magiër, de Zorgdrager of de Strijder in hem wakker worden.
De basisplot van de Dromer
Verdreven worden uit het paradijs en het paradijs terugvinden, op reis gaan en weer terugkeren, dat is de plotlijn van de Dromer. Het is een hoopvolle plot en die gaat over hoe we optimisme en vertrouwen kunnen blijven voelen. De dromer in ons is het vermogen tot dromen, speelsheid, hoop en verlangen, ook al zien de omstandigheden er niet altijd goed uit.
Idealiter begint iedere nieuwe poging, elke nieuwe onderneming, wat voor avontuur ook, met een flinke dosis onbevangenheid, hoop, openheid, optimisme en opwinding. En dat is maar goed ook. We weten nog niet wat er gaat komen, dus moeten we wel vertrouwen hebben. Maar bij iedere nieuwe stap die we zetten worden we wijzer en minder naïef.
Hoe kun je jouw verhaal versterken
De Dromer in je verhaal opvoeren houdt in dat je verhaal over puurheid en onschuld gaat, die onder druk gezet worden. Vaak is de Dromer zelf not onbedorven en zijn het ouders en verzorgers die proberen de Dromer te behoeden voor de val uit het paradijs.
Je kunt spelen met de hoop onschuldig en puur te blijven, en tegelijk de vrees opwekken dat die op een dag verloren gaan. Denk bijvoorbeeld aan de film The Sound of Music (1965) waarin naïef optimisme plaats moet maken voor een meer realistische blik op de harde werkelijkheid. Daarbij is het de vraag of het vertrouwen hervonden zal worden of blijvend beschadigd is.
Een andere mogelijkheid is de Dromer op te voeren als de waarnemer of de getuige van vreemde of gewelddadige gebeurtenissen in de wereld, zoals in het eerdergenoemde Forrest Gump of Alice in Wonderland van Lewis Carroll.
Verhaal van de Dromer
‘Ik vertrouw de mensen om me heen. Ik geloof niet dat mensen van nature op uit zijn elkaar pijn te doen. Ik kan erop rekenen dat er voor mij gezorgd wordt. Ik voel me veilig en vertrouw erop dat er in al mijn behoeften wordt voorzien. De wereld is voor mij een prettige, veilige plek. Het leven is leuk, ik heb er zin in’
Kwaliteiten van de Dromer : Optimisme, openheid, vertrouwen, enthousiasme, gevoel van verbondenheid
Valkuilen van de Dromer: Naïviteit, niet willen (op)groeien, afhankelijkheid, onzelfstandigheid
Waar de Dromer niet tegen kan: Slechtheid en verdorvenheid, cynisme, het kwade en duistere
Ontwikkelingspotentieel van de Dromer: Volwassen worden, realiteitsbesef, verantwoordelijkheid nemen, onafhankelijkheid
Reactie op verandering: Gaat graag en met vol enthousiasme het avontuur aan
Personages die de Dromer omringen. Ouders, helpers, onderwijzers, leraren, vriendjes en vriendinnetjes, wonderlijke verschijningen, zoals voorwerpen die tot leven komen en dieren.
Voorbeelden van de Dromer: Alice in Wonderland, Sneeuwwitje, La vita e bella, Winnie de Poeh, Forrest Gump, Oskar uit Die Blechtrommel, Pippi Langkous
Vragen en opdrachten rond de Dromer
- Ga op zoek naar films en andere voorbeelden van de Dromer
- Welk personage in jouw verhaal over jouw leven representeert het meest de Dromer? Waaruit blijkt dat?
- Met welke opgave of problemen kun je de Dromer confronteren? Hoe reageert hij/zij dan?
- Wie beschermt in jouw verhaal de Dromer?
- Wat is de grootste bedreiging voor de Dromer?
- Ga op zoek naar voorbeelden van personen (uit films die je hebt gezien, in jouw omgeving) die het contact met de Dromer zijn kwijtgeraakt. Hoe, door welke ‘val uit het paradijs’, is dat gebeurd? Welke activiteiten en bezigheden kunnen ervoor zorgen dat hun speelsheid en overgave weer geactiveerd wordt?
- Kan de Dromer vol enthousiasme en vertrouwen aan iets beginnen? En hoelang kan hij of zij dit gevoel vasthouden.